Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

289 palabras · página 6 de 12

  • het gemoedB2

    ánimo

    Het nieuws bracht de gemoederen in beweging.

  • de gemoedelijkheidB2

    campechanía

    De vergadering verliep in alle gemoedelijkheid.

  • de gemoedsbewegingB2

    emoción interior

    Zijn stem verried enige gemoedsbeweging.

  • de gemoedsrustB2

    tranquilidad

    Een goede verzekering geeft gemoedsrust.

  • de gemoedstoestandB2

    estado de ánimo

    Zijn gemoedstoestand wisselt sterk.

  • de genderidentiteitB2

    identidad de género

    Genderidentiteit staat los van geboortegeslacht.

  • genderneutraalB2

    de género neutro

    De formulieren zijn genderneutraal gemaakt.

  • de gêneB2

    bochorno

    Er ontstond een pijnlijke gêne in de zaal.

  • de genegenheidB2

    afecto

    Er groeide genegenheid tussen de buren.

  • generaliserenB2

    generaliseerde · hebben gegeneraliseerd

    generalizar

    Je kunt dat niet zomaar generaliseren.

  • de generatieA2

    generación

    De jongere generatie denkt hier anders over.

  • de generatiekloofB2

    brecha generacional

    De generatiekloof is kleiner dan vaak wordt gedacht.

  • generiekB2

    genérico

    Het generieke middel werkt hetzelfde.


    general, para todos

    Het kabinet kiest voor generieke maatregelen voor het hele land.

  • genezenA2irregular

    genas · genazen · hebben/zijn genezen

    curar(se)

    De wond is goed genezen.

  • genietenA1irregular

    genoot · genoten · hebben genoten

    disfrutar

    Ik geniet van het rustige weekend.

  • genoegA1

    suficiente

    Er is genoeg eten voor iedereen.

  • gepassioneerdB2

    apasionado

    Hij sprak gepassioneerd over zijn vak.

  • geraaktB2

    tocado, afectado

    Ik was geraakt door haar verhaal.

  • het gerechtA2

    plato (comida)

    Dit gerecht is een specialiteit hier.

  • het gereedschapA1

    herramientas

    Het gereedschap ligt in de schuur.

  • gerustgesteldB2

    tranquilizado

    Na het gesprek was zij gerustgesteld.

  • geruststellenB2separable

    stelde gerust · hebben gerustgesteld

    tranquilizar

    De arts stelde de ouders gerust.

  • geruststellendB2

    tranquilizador

    De uitslag was geruststellend.

  • de geschiedenisA1

    historia

    De geschiedenis van dit gebouw is bijzonder.

  • geschiktA2

    adecuado

    Deze woning is geschikt voor een gezin.