Vocabulario
16 palabras · página 1 de 1
bangA2
asustado
Ik ben bang voor honden.
bekendA2
conocido
Deze zanger is in heel Nederland bekend.
belangrijkA1
importante
Dit is een belangrijke brief.
beroemdA2
famoso
Hij is een beroemde zanger in zijn eigen land.
beschikbaarA2
disponible
Er is nog één plaats beschikbaar.
betaalbaarA2
asequible
Een betaalbare woning is moeilijk te vinden.
bezetA1
ocupado
Deze plaats is bezet.
bezigA1
ocupado (haciendo algo)
Ik ben nu even bezig.
bijzonderA2
especial, extraordinario
Het was een bijzondere dag voor onze familie.
biologischA2
biológico, orgánico
Deze groente is biologisch geteeld.
bitterA2
amargo
Zwarte koffie smaakt bitter.
blauwA1
azul
De lucht is vandaag blauw.
blijA1
contento
Ik ben blij met het resultaat.
boosA2
enfadado
Hij was boos op zijn collega.
breedA1
ancho
Dit is een brede straat.
bruinA1
marrón
Ik eet liever bruin brood.

