Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

156 palabras · página 7 de 7

  • de busA2

    autobús

    De bus stopt voor het station.

  • het bushokjeA2

    marquesina

    We schuilden in het bushokje voor de regen.

  • de buspasA2

    abono de autobús

    Met een buspas reis je goedkoper.

  • de buurmanA1

    vecino

    De buurman helpt ons vaak.

  • de buurtA1

    barrio

    Onze buurt is de laatste jaren veranderd.

  • de buurvrouwA1

    vecina

    De buurvrouw past op de kinderen.