Vocabulario
253 palabras · página 10 de 11
de buitenlampA1
luz exterior
De buitenlamp gaat automatisch aan.
het buitenlandA2
extranjero (el)
Wij gaan deze zomer op vakantie naar het buitenland.
buitenlandsB1
extranjero
Op onze school leren veel buitenlandse studenten Nederlands.
de buitenruimteA2
espacio exterior
De woning heeft geen buitenruimte.
de buitensportB1
deporte al aire libre
Buitensport is gezond, ook in de winter.
het bureauA2
escritorio; oficina, agencia
Ik heb een bureau bij het raam in mijn kamer.
de burenA2
vecinos
Onze buren zijn erg vriendelijk.
de burgemeesterA2
alcalde
De burgemeester opende de nieuwe brug.
de burgerA2
ciudadano
Elke burger heeft dezelfde rechten.
het burgerinitiatiefB1
iniciativa ciudadana
Het burgerinitiatief kreeg veel handtekeningen.
de burgerplichtB1
deber ciudadano
Belasting betalen is een burgerplicht.
het burgerrechtB1
derecho ciudadano
Stemmen is een burgerrecht.
het burgerservicenummerA2
número de servicio ciudadano
U hebt uw burgerservicenummer nodig.
de burgerzakenB1
registro civil
Voor een paspoort ga je naar Burgerzaken.
de busA2
autobús
De bus stopt voor het station.
het bushokjeA2
marquesina
We schuilden in het bushokje voor de regen.
de buslijnB1
línea de autobús
Buslijn 12 stopt hier vlakbij.
de buspasA2
abono de autobús
Met een buspas reis je goedkoper.
de buurmanA1
vecino
De buurman helpt ons vaak.
de buurtA1
barrio
Onze buurt is de laatste jaren veranderd.
de buurtbemiddelingB1
mediación vecinal
Bij ruzie kun je buurtbemiddeling inschakelen.
het buurtfeestB1
fiesta del barrio
Elk jaar is er een buurtfeest in de straat.
het buurthuisB1
centro comunitario
In het buurthuis worden taallessen gegeven.
het buurtinitiatiefB1
iniciativa vecinal
Het buurtinitiatief kreeg steun van de gemeente.
het buurtonderzoekB1
encuesta vecinal
Uit het buurtonderzoek blijkt dat bewoners tevreden zijn.

