Vocabulary
171 words · page 6 of 7
de rijlesB1
driving lesson
Ik neem sinds maart rijles.
rijpB2
ripe
Deze peren zijn nog niet rijp genoeg om te eten.
de rijp
hoarfrost
Er lag rijp op de auto's.
de rijstA1
rice
We eten vanavond rijst met groente.
de rijstrookB1
traffic lane
De rechter rijstrook is afgesloten.
de rijvaardigheidB1
driving ability
Bij het examen wordt je rijvaardigheid getest.
de rimpelB2
wrinkle
De rimpels om zijn ogen verraden zijn leeftijd.
de ringA2
ring
Hij kocht een gouden ring voor zijn vriendin.
het risicoB1
risk
Wie te hard rijdt, neemt een groot risico.
de risico-inventarisatieB2
risk assessment
Elk bedrijf maakt een risico-inventarisatie.
de risicofactorB2
risk factor
Roken is de grootste risicofactor.
het risicoprofielB2
risk profile
De bank bepaalt eerst je risicoprofiel.
het ritmeB2
rhythm
Het ritme van dit lied is ongewoon.
de ritsB2
zip
De rits van mijn jas is kapot.
het ritueelB2
ritual
Het samen eten is bij hen een dagelijks ritueel.
de rivierA2
river
De rivier loopt door de stad.
de rivierbeddingB2
river bed
De rivierbedding is verbreed.
de robotiseringB2
robotisation
Robotisering verandert het werk in de industrie.
de rokA1
skirt
Ze draagt vandaag een lange blauwe rok.
de rolB1
role
Ouders spelen een grote rol in het leven van kinderen.
de rolstoelB2
wheelchair
Het gebouw is toegankelijk met een rolstoel.
de rolverdelingB2
division of roles
De rolverdeling thuis is bij hen gelijk.
de romanB2
novel
Haar eerste roman werd meteen vertaald.
de RomeinenB2
the Romans
De Romeinen legden hier de eerste weg aan.
de rommelA1
mess
Wat een rommel in deze kamer!
de rommelmarktB2
flea market
Op de rommelmarkt verkocht hij oud speelgoed.

