Vocabulary
208 words · page 8 of 9
de grapA2
joke
Die grap viel verkeerd.
het grasB1
grass
Het gras moet gemaaid worden.
de grensA2
border; limit
Bij de grens met Duitsland is geen controle meer.
de grenscontroleB2
border control
Bij de grenscontrole liet hij zijn paspoort zien.
de grensregioB2
border region
In de grensregio werken veel mensen over de grens.
de griepA2
flu
Half kantoor heeft de griep.
de griepprikA2
flu jab
Ouderen krijgen elk jaar een griepprik.
de grimeurB2
make-up artist
De grimeur maakte hem twintig jaar ouder.
de groeiB1
growth
De groei van de economie was dit jaar klein.
het groeicijferB2
growth figure
Het groeicijfer viel lager uit dan verwacht.
de groeicurveB2
growth chart
Zijn groeicurve loopt keurig mee.
het groeiseizoenB2
growing season
Het groeiseizoen is door de warmte langer geworden.
de groeispurtB2
growth spurt
In de puberteit volgt een groeispurt.
het groenafvalB2
green waste
Groenafval gaat in de groene bak.
het groengebiedB1
green area
Er komt een nieuw groengebied bij de wijk.
de groenstrookB1
green strip, verge
Langs de weg ligt een brede groenstrook.
de groenteA2
vegetables
Eet elke dag genoeg groente.
de groenvoorzieningB1
public greenery
De gemeente onderhoudt de groenvoorziening.
de groepA1
group
De groep vertrekt om negen uur met de bus.
het groepsgevoelB2
sense of group belonging
Het groepsgevoel in de klas is sterk.
de groepslesA2
group lesson
Een groepsles is goedkoper dan privéles.
het groepswerkB2
group work
Het groepswerk telt mee voor het cijfer.
de groetB1
greeting, regards
Ik eindig mijn e-mail altijd met een vriendelijke groet.
de grondB1
ground, soil; land
De grond is nat na al die regen.
het grondgebiedB2
territory
Deze wet geldt op het hele grondgebied.

