Vocabulary
386 words · page 13 of 16
het bosA2
forest
We wandelen graag in het bos.
de bos
bunch (of flowers)
Hij kwam thuis met een bos bloemen voor zijn moeder.
het bosbeheerB2
forest management
Duurzaam bosbeheer levert een keurmerk op.
het bosgebiedB1
forest area
Het bosgebied is beschermd.
de boterA1
butter
Doe wat boter op je brood.
de boterhamA1
sandwich (slice of bread)
Ik neem twee boterhammen mee.
de bouwB1
construction (industry)
Mijn broer werkt al twintig jaar in de bouw.
de bouwsectorB2
construction sector
In de bouwsector is een groot personeelstekort.
de bouwtekeningB2
construction drawing
Op de bouwtekening staat alles ingetekend.
de brainstormsessieB2
brainstorming session
De brainstormsessie leverde twintig ideeën op.
de brandA2
fire (accident)
Bij brand moet je direct 112 bellen.
de brandnetelB2
stinging nettle
Pas op voor de brandnetels.
de brandstofprijsB2
fuel price
De brandstofprijzen schommelen sterk.
de brandwondB2
burn
Koel een brandwond meteen met lauw water.
de breedtesportB2
grassroots sport
Er gaat te weinig geld naar de breedtesport.
de breukB2
fracture
De foto liet een breuk in de pols zien.
de briefA1
letter
Ik heb een brief van de gemeente gekregen.
het briefhoofdB2
letterhead
In het briefhoofd staan naam en adres.
de briefkaartB1
postcard
Ik stuurde een briefkaart uit Spanje.
de briefwisselingB1
correspondence
De briefwisseling met de gemeente duurde maanden.
de brievenbusA1
letterbox
Er zit post in de brievenbus.
de brilA1
glasses
Zonder bril zie ik niets.
het broedseizoenB2
breeding season
In het broedseizoen mag hier niet gesnoeid worden.
het broeikaseffectB2
greenhouse effect
Het broeikaseffect versterkt de opwarming.
het broeikasgasB2
greenhouse gas
CO2 is het bekendste broeikasgas.
de broekA1
trousers
Deze broek is te lang.

