Vocabulary
Filters2
6 words · page 1 of 1
zich aankledenA2separablereflexive
kleedde aan · hebben aangekleed
to get dressed
Ik kleed me snel aan en ga naar mijn werk.
zich aanmeldenB1separablereflexive
meldde aan · hebben aangemeld
to register, to sign up
U kunt zich online aanmelden.
aanpassenA2separable
paste aan · hebben aangepast
to adjust, to adapt (something)
We passen het rooster aan de vakantie aan.
zich aanpassenreflexive
to adapt (oneself), to adjust
Je moet je aanpassen aan de nieuwe regels.
zich aansluitenB2separablereflexiveirregular
sloot aan · sloten aan · hebben aangesloten
to join
Wil je je bij onze groep aansluiten?
zich afmeldenB1separablereflexive
meldde af · hebben afgemeld
to cancel one's registration
Vergeet niet je af te melden als je niet komt.
zich afvragenB1separablereflexiveirregular
vroeg af · vroegen af · hebben afgevraagd
to wonder
Ik vraag me af of dat wel klopt.

