المفردات
4887 كلمة · صفحة 82 من 196
de kleindochterA1
حفيدة
Zijn kleindochter gaat al naar school.
het kleinkindA1
حفيد أو حفيدة
Zij heeft drie kleinkinderen.
het kleintjeB1
الصغير
Het kleintje slaapt nu, dus praat zacht.
de kleinzoonA1
حفيد
Haar kleinzoon is net geboren.
de klemB2
مِلزمة؛ فخّ
De politie zette een klem om het wiel van de auto.
de klemtoonB2
النبر
De klemtoon ligt op de eerste lettergreep.
de klerenA1
ملابس
Ik koop nieuwe kleren.
de kleurA1
لون
Welke kleur vind je mooi?
het kleurgebruikB2
استخدام الألوان
Het kleurgebruik is opvallend fel.
de kleuterB1
طفل ما قبل المدرسة
Kleuters leren vooral door te spelen.
de klierB2
غدة
De klieren in zijn hals zijn opgezet.
het klimaatB1
مناخ
Het klimaat verandert sneller dan verwacht.
de klimaatadaptatieB2
التكيف المناخي
Klimaatadaptatie is net zo nodig als CO2-reductie.
het klimaatakkoordB2
اتفاق المناخ
In het klimaatakkoord staan concrete doelen.
het klimaatdebatB2
الجدل المناخي
Het klimaatdebat is sterk gepolariseerd.
het klimaatdoelB2
هدف مناخي
De klimaatdoelen worden waarschijnlijk niet gehaald.
de klimaatmaatregelB2
إجراء مناخي
De klimaatmaatregelen gaan sommigen niet ver genoeg.
het klimaatmodelB2
نموذج مناخي
Klimaatmodellen voorspellen een verdere opwarming.
het klimaatonderzoekB2
أبحاث المناخ
Uit klimaatonderzoek blijkt een duidelijke trend.
de klimaatveranderingB2
تغير المناخ
Klimaatverandering raakt iedereen.
de klimaatzoneB1
منطقة مناخية
Nederland ligt in een gematigde klimaatzone.
de kliniekB1
عيادة
Hij heeft een afspraak bij de kliniek voor zijn oog.
de klokA1
ساعة حائط
De klok in de keuken loopt voor.
جرس
De klok van de kerk luidt elke zondagochtend.
de klompenB2
قباقيب خشبية
Op het land droegen boeren klompen.
de kloofB2
فجوة
De kloof tussen arm en rijk wordt groter.

