المفردات
4887 كلمة · صفحة 80 من 196
de kerstA2
عيد الميلاد
Met kerst eten we samen met de hele familie.
de ketenB1
سلسلة (متاجر)
Deze winkel is onderdeel van een grote keten.
de kettingA2
قلادة؛ سلسلة
Ze draagt een gouden ketting van haar oma.
de keukenA1
مطبخ
De keuken is net schoongemaakt.
de keukenhulpB2
مساعد مطبخ
Als keukenhulp begin je met snijwerk.
de keuringB2
الفحص الطبي
Voor deze functie is een keuring verplicht.
het keurmerkB2
علامة الجودة
Let bij het bestellen op een betrouwbaar keurmerk.
de keuzeA2
اختيار
Er is genoeg keuze.
de kierB2
شقّ، فرجة
Laat de deur op een kier staan voor de kat.
de kierdichtingB2
سد الفجوات
Kierdichting is de goedkoopste maatregel.
de kiesB2
ضرس
Er moet een kies getrokken worden.
de kiescampagneB2
الحملة الانتخابية
De kiescampagne draait om koopkracht.
de kiezerB2
الناخب
De kiezer beslist uiteindelijk.
de kijkB2
رؤية، وجهة نظر
Hij heeft een heel andere kijk op opvoeding.
het kijkcijferB2
نسبة المشاهدة
De kijkcijfers vielen tegen.
de kijkerB1
مشاهد
Het programma trok gisteren twee miljoen kijkers.
de kiloA1
كيلو
Een kilo appels kost op de markt twee euro.
de kilometerB1
كيلومتر
Het is nog twintig kilometer rijden.
de kinA1
ذقن
Hij stootte zijn kin bij het vallen.
het kindA1
طفل
Het kind speelt in de tuin.
de kinderartsB2
طبيب الأطفال
De kinderarts stelde de ouders gerust.
de kinderbijslagA2
علاوة الأطفال
Ouders krijgen elk kwartaal kinderbijslag.
het kinderboekB2
كتاب أطفال
Dit kinderboek is in twintig talen vertaald.
de kinderopvangB1
رعاية الأطفال
Onze dochter gaat drie dagen per week naar de kinderopvang.
de kinderziekteB2
مرض الطفولة
Waterpokken is een klassieke kinderziekte.

