المفردات
4900 كلمة · صفحة 13 من 196
de bankA2
بنك
Ik heb een rekening bij deze bank.
أريكة؛ مقعد
We zitten 's avonds samen op de bank te lezen.
het bankafschriftB1
كشف حساب بنكي
Op het bankafschrift zie je alle betalingen.
de bankkostenB1
رسوم البنك
De bankkosten zijn dit jaar verhoogd.
de bankrekeningA2
حساب بنكي
Je hebt een bankrekening nodig voor je salaris.
de barA2
حانة، منضدة
We drinken na het werk iets aan de bar.
de barmanB2
ساقي البار
De barman kent iedereen bij naam.
de barstB2
شقّ
Er zit een barst in het scherm van mijn telefoon.
de basisB2
أساس
Een goede basis in taal helpt bij elke opleiding.
de basisbehoefteB2
حاجة أساسية
Wonen is een basisbehoefte, geen luxe.
het basisonderwijsB1
التعليم الابتدائي
Het basisonderwijs duurt acht jaar.
de basisregistratieB2
السجل الأساسي للسكان
Je adres staat in de basisregistratie personen.
de basisschoolA2
مدرسة ابتدائية
Mijn dochter zit in groep vijf van de basisschool.
het basketbalA2
كرة السلة
Op dinsdag speel ik basketbal met mijn vrienden.
de batterijA1
بطارية
De batterij is leeg.
het bedA1
سرير
Ik ga vroeg naar bed.
de bedenktijdB2
مهلة التفكير
Je hebt veertien dagen bedenktijd.
het bederfB2
الفساد الغذائي
Bij warmte treedt bederf sneller op.
de bediendeB2
خادم؛ موظّف
In het oude kasteel werkten veel bedienden.
de bedoelingB1
نيّة
Het was niet mijn bedoeling om je pijn te doen.
het bedragA2
مبلغ
Het bedrag staat onderaan de rekening.
de bedreigingB1
تهديد
Klimaatverandering is een bedreiging voor laag Nederland.
het bedrijfA1
شركة
Zij werkt bij een groot bedrijf.
de bedrijfsartsB2
طبيب الشركة
De bedrijfsarts adviseert over je terugkeer.
de bedrijfscultuurB1
ثقافة الشركة
De bedrijfscultuur hier is informeel.
de bedrijfshulpverleningB2
الاستجابة للطوارئ داخل الشركة
Hij is opgeleid voor bedrijfshulpverlening.

