المفردات
4887 كلمة · صفحة 103 من 196
de mondA1
فم
Doe je mond open, zegt de tandarts.
de mondhygiënistB2
أخصائي صحة الفم
De mondhygiënist reinigt het tandsteen weg.
de mondingB2
مصب النهر
Bij de monding wordt de rivier breed.
het monsterB1
عيّنة؛ وحش
De dokter stuurt een monster van uw bloed naar het lab.
de montageB2
المونتاج
In de montage werd een halfuur geschrapt.
التركيب
De montage van de nieuwe keuken duurt twee dagen.
het monumentA2
نصب تذكاري
Dit pand is een beschermd monument.
de moordB1
جريمة قتل
De politie onderzoekt een moord in het centrum.
de moordenaarB1
قاتل
De moordenaar werd na twee weken door de politie gevonden.
de moraalB1
الأخلاق
Wetgeving en moraal vallen niet altijd samen.
het mosB2
طحلب
Op de noordkant groeit mos.
de moskeeB2
مسجد
De moskee staat midden in de wijk.
de moslimB2
مسلم
Tijdens de ramadan vasten veel moslims overdag.
het mosselB2
بلح البحر
Mosselen zijn er vooral in de winter.
de motieB2
اقتراح برلماني
De motie werd met ruime meerderheid aangenomen.
het motiefB1
دافع؛ زخرفة
De politie weet nog niet wat het motief was.
de motivatieB1
دافع
Schrijf in je brief iets over je motivatie.
de motivatiebriefB2
رسالة الدوافع
Stuur een cv en een motivatiebrief mee.
de motorA2
محرّك؛ دراجة نارية
De motor van de auto maakt een raar geluid.
de motorfietsB2
دراجة نارية
Voor een motorfiets heb je een speciaal rijbewijs nodig.
het mottoB1
شعار (مبدأ)
Zijn motto is: eerst werken, dan feesten.
de mouwA2
كُمّ
Er zit een gat in de mouw van mijn jas.
de muisA2
فأر
Er loopt een muis door de keuken.
de muntA2
قطعة نقدية
Heb je een munt van twee euro?
نعناع
In de thee zit verse munt uit de tuin.
het muntgeldA2
نقود معدنية
Voor de kar heb je muntgeld nodig.
de musB2
عصفور دوري
De mus is minder algemeen dan vroeger.

