Je EigenRoute
ВхідРеєстрація

Словник

500 слів · сторінка 17 з 20

  • volgens mijB2

    по-моєму

    Volgens mij klopt dat niet.

  • de volgerB2

    підписник

    Zij heeft tienduizend volgers.

  • volhardenB2

    volhardde · hebben volhard

    наполягати, не відступати

    Zij volhardde in haar standpunt.

  • volhoudenB2відокремлюванийнеправильне

    hield vol · hielden vol · hebben volgehouden

    витримувати, не здаватися

    Het is zwaar, maar hij houdt vol.

  • het volkB1

    народ

    Het volk kiest elke vier jaar een nieuw parlement.

  • de volksgezondheidB2

    громадське здоров'я

    Roken is een probleem voor de volksgezondheid.

  • het volksliedB2

    державний гімн

    Het Wilhelmus is het oudste volkslied ter wereld.

  • volledigB1

    повний; повністю

    Vul het formulier volledig en duidelijk in.

  • de volmachtB2

    довіреність

    Zij tekende met een volmacht namens haar vader.

  • voltooid deelwoordB2

    дієприкметник минулого часу

    Het voltooid deelwoord van 'werken' is 'gewerkt'.

  • volwassenA2

    дорослий

    Mijn kinderen zijn al volwassen en wonen op zichzelf.

  • de volwasseneneducatieB2

    освіта дорослих

    Volwasseneneducatie is vaak in de avonduren.

  • het vonnisB2

    вирок

    Het vonnis viel milder uit dan verwacht.

  • voorA1

    для; перед

    Dit cadeau is voor jou.

  • vooralA1

    особливо, головним чином

    Ik oefen vooral spreken.

  • het voorbeeldA2

    приклад

    Kun je een voorbeeld geven?

  • voorbereidenA2відокремлюваний

    bereidde voor · hebben voorbereid

    готувати (щось)

    We bereiden de vergadering samen voor.


    zich voorbereidenзворотний

    готуватися

    Ik bereid me voor op het examen.

  • de voorbereidingB1

    підготовка

    Een goede voorbereiding is de helft van het werk.

  • voorbijA2

    минув; повз

    De zomer is weer veel te snel voorbij.

  • voordatB1

    перш ніж

    Was je handen voordat je gaat eten.

  • het voordeelB1

    перевага, вигода

    Een voordeel van dit huis is de grote tuin.

  • de voordeurA1

    вхідні двері

    De voordeur zit op slot.

  • zich voordoenB2відокремлюванийзворотнийнеправильне

    deed voor · deden voor · hebben voorgedaan

    виникати (про ситуацію)

    Als zich een probleem voordoet, bel ons dan.

  • het voorgerechtA2

    закуска

    Als voorgerecht nemen we soep.

  • voorkomenA1відокремлюванийнеправильне

    kwam voor · kwamen voor · zijn voorgekomen

    траплятися, зустрічатися

    Dat probleem komt hier vaak voor.