Je EigenRoute
ВхідРеєстрація

Словник

459 слів · сторінка 7 з 19

  • het slaapritmeB2

    режим сну

    Nachtdiensten verstoren je slaapritme.

  • het slachtofferA1

    потерпілий

    Het slachtoffer is aanspreekbaar.

  • de slagB2

    удар; битва; (до справи)

    Na de vakantie ga ik meteen weer aan de slag.

  • de slagaderB2

    артерія

    De slagader vervoert zuurstofrijk bloed.

  • slagenB1

    slaagde · zijn geslaagd

    скласти (іспит)

    Zij is voor het examen geslaagd.


    вдатися, вийти

    De operatie is helemaal geslaagd.

  • de slagerA2

    м'ясник, м'ясна лавка

    Bij de slager is het vlees beter.

  • slankB2

    стрункий

    Zij is lang en slank.

  • de slapeloosheidB2

    безсоння

    Slapeloosheid komt vaak door stress.

  • slapenA1неправильне

    sliep · sliepen · hebben geslapen

    спати

    Ik heb slecht geslapen.

  • het slavernijverledenB2

    рабовласницьке минуле

    De stad bood excuses aan voor het slavernijverleden.

  • slechtA1

    поганий

    Het weer is vandaag slecht.

  • slechtsB1

    лише

    De cursus duurt slechts twee weken.

  • de sleutelA2

    ключ

    Ik ben mijn sleutel kwijt.

  • het sleutelbeenB2

    ключиця

    Het sleutelbeen breekt vaak bij fietsers.

  • het sleutelbosA1

    в'язка ключів

    Mijn sleutelbos ligt op de kast.

  • de sleuteloverdrachtB2

    передача ключів

    De sleuteloverdracht is op 1 juli.

  • slikkenB2

    slikte · hebben geslikt

    ковтати

    Zij slikte even voordat ze antwoordde.

  • slimA2

    розумний, кмітливий

    Dat is een slim idee, zo besparen we tijd.

  • de sloganB2

    слоган

    Iedereen kent die slogan.

  • de slootB2

    канава

    Langs het weiland loopt een sloot.

  • slordigB2

    неохайний, недбалий

    Het rapport was slordig geschreven.

  • het slotB1

    замок (на дверях)

    Doe de deur altijd op slot als je weggaat.


    на завершення (tot slot)

    Tot slot wil ik iedereen bedanken voor zijn komst.

  • sluikB2

    гладкий, прилизаний

    Zijn haar hangt sluik langs zijn gezicht.

  • de sluisB2

    шлюз

    Het schip wacht voor de sluis.

  • sluitenA1неправильне

    sloot · sloten · hebben gesloten

    закривати

    De deur sluit automatisch.