Словарь
98 слов · страница 3 из 4
verrassenB1
verraste · hebben verrast
удивлять; делать сюрприз
We willen mama verrassen met een taart.
verschijnenB1неправильный
verscheen · verschenen · zijn verschenen
появляться; выходить (о книге)
Het nieuwe boek verschijnt volgende maand in de winkels.
verslaanB1неправильный
versloeg · versloegen · hebben verslagen
побеждать (кого-то)
Ons team versloeg de kampioen met drie doelpunten.
zich verslapenA2возвратныйнеправильный
versliep · versliepen · hebben verslapen
проспать
Ik heb me verslapen en kwam te laat.
verspreidenA2
verspreidde · hebben verspreid
распространять
Het bericht werd snel verspreid.
versterkenB2
versterkte · hebben versterkt
усиливать, укреплять
Sport versterkt het gevoel van samenhorigheid in de buurt.
versturenA2
verstuurde · hebben verstuurd
отправлять
Verstuur het formulier voor vrijdag.
vertalenA2
vertaalde · hebben vertaald
переводить (текст)
Kun je deze brief voor mij in het Engels vertalen?
vertegenwoordigenB2
vertegenwoordigde · hebben vertegenwoordigd
представлять (чьи-то интересы)
Zij vertegenwoordigt de bewoners in de gesprekken met de gemeente.
vertellenA1
vertelde · hebben verteld
рассказывать
Vertel eens, hoe was je dag?
vertrekkenA2неправильный
vertrok · vertrokken · zijn vertrokken
отправляться
De trein vertrekt over vijf minuten.
vertrouwenA1
vertrouwde · hebben vertrouwd
доверять
Ik vertrouw mijn buren, ze zijn altijd eerlijk.
het vertrouwen
доверие
Het kost tijd om vertrouwen op te bouwen.
vervangenB1неправильный
verving · vervingen · hebben vervangen
заменять
De monteur moet de kapotte lamp vervangen.
zich vervelenA2возвратный
verveelde · hebben verveeld
скучать
De kinderen vervelen zich in de vakantie.
verwachtenA1
verwachtte · hebben verwacht
ожидать
We verwachten hem om zes uur.
verwerkenB1
verwerkte · hebben verwerkt
усваивать, обрабатывать
Je moet de stof eerst goed verwerken.
verwijderenB1
verwijderde · hebben verwijderd
удалять
Je kunt oude berichten op je telefoon verwijderen.
verwijtenB2неправильный
verweet · verweten · hebben verweten
упрекать
Zij verwijt hem zijn stilzwijgen.
verwijzenA2неправильный
verwees · verwezen · hebben verwezen
ссылаться
De auteur verwijst naar eerder onderzoek.
verwoordenB2
verwoordde · hebben verwoord
выражать словами
Hij kon zijn kritiek goed verwoorden.
verzamelenA2
verzamelde · hebben verzameld
коллекционировать, собирать
Hij verzamelt oude postzegels.
verzettenA2
verzette · hebben verzet
переносить (встречу)
Kunnen we de afspraak naar vrijdag verzetten?
zich verzettenвозвратный
сопротивляться, противиться
Veel bewoners verzetten zich tegen het plan.
verzinnenB1неправильный
verzon · verzonnen · hebben verzonnen
придумывать, выдумывать
Hij verzint altijd een smoes als hij te laat is.
verzoekenB1неправильный
verzocht · verzochten · hebben verzocht
просить (официально)
Wij verzoeken u het formulier te ondertekenen.
verzorgenB1
verzorgde · hebben verzorgd
ухаживать за
Zij verzorgt haar moeder thuis.

