Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

51 слов · страница 2 из 3

  • geschiktA2

    подходящий

    Deze woning is geschikt voor een gezin.

  • gespannenB2

    напряжённый

    De sfeer in de zaal was gespannen.

  • gespierdB2

    мускулистый

    Hij is klein maar gespierd.

  • gestrestA2

    в стрессе, напряжённый

    Voor het examen was ik erg gestrest.

  • getrouwdA1

    женат / замужем

    Zij is al tien jaar getrouwd.

  • gevaarlijkA2

    опасный

    Het is gevaarlijk om op het ijs te lopen.

  • gevoeligB1

    чувствительный

    Zij is erg gevoelig voor kritiek.

  • geweldigA2

    потрясающий, отличный

    Het concert gisteren was echt geweldig!

  • gewondA2

    раненый

    Bij het ongeluk raakte niemand gewond.

  • gewoonA1

    обычный; просто

    Het was een gewone dag op kantoor.

  • gezamenlijkB2

    совместный

    De buren organiseren een gezamenlijke dag om de straat schoon te maken.

  • gezelligB1

    уютный, приятный

    Het was een gezellige avond.

  • gezetB2

    полный, плотный (о фигуре)

    Een wat gezette man van vijftig.

  • gezondA2

    здоровый

    Hij eet heel gezond.

  • gladB2

    гладкий, скользкий

    De vloer is glad na het dweilen.

  • glanzendB2

    глянцевый

    Het papier is glanzend.

  • glutenvrijB2

    без глютена

    Dit brood is glutenvrij.

  • goedA1

    хороший

    Het gaat goed met mij.

  • goedkoopA2

    дешёвый

    Deze winkel is vrij goedkoop.

  • goudenB1

    золотой

    Zij kreeg een gouden ketting voor haar verjaardag.

  • grappigA2

    смешной

    Mijn broer vertelt altijd grappige verhalen.

  • gratisA1

    бесплатно

    De eerste les is gratis.

  • grijsA1

    серый

    De lucht is vandaag grijs.

  • grijzendB2

    седеющий

    Een man met grijzend haar.

  • groenA1

    зелёный

    Het licht is groen, je mag gaan.