Woordenschat
2916 woorden · pagina 83 van 117
het spaartegoedB1
savings balance
Mijn spaartegoed groeit langzaam.
spannendA2
exciting, nerve-racking
Het examen vond hij vooral spannend.
de spanningA2
tension
Er hing spanning in de kamer.
sparenA2
spaarde · hebben gespaard
to save (money)
We sparen voor een nieuwe auto.
speciaalA2
special
Dit restaurant heeft een speciaal menu voor kinderen.
de specialistB1
specialist
De huisarts verwees mij naar een specialist.
specifiekB1
specific
Heeft u een specifieke vraag over uw rekening?
de speeltuinB1
playground
De kinderen spelen in de speeltuin.
het spelA2
game (board, computer)
We spelen op zondag vaak een spel met de kinderen.
spelenA1
speelde · hebben gespeeld
to play
De kinderen spelen in de tuin.
to be set, to take place (of a story)
Het verhaal speelt in Amsterdam, vlak na de oorlog.
de spelerA2
player
Elke speler krijgt aan het begin vijf kaarten.
het spelletjeB1
game
Zullen we een spelletje doen?
de spelregelB1
rule of the game
Leg de spelregels eerst uit.
de spiegelA1
mirror
Er hangt een spiegel in de gang.
de spierA1
muscle
Na het sporten doen mijn spieren pijn.
de spinazieA1
spinach
Spinazie zit vol ijzer.
de spitsB1
rush hour
Reis liever buiten de spits.
pointed, sharp
Het dak van de kerk loopt spits toe.
het spitsuurB1
rush hour
Vermijd het spitsuur als het kan.
de spoedA2
emergency, urgency
Bij spoed belt u dit nummer.
het spoedgevalB1
emergency case
Bij een spoedgeval belt u 112.
het spoorA2
track, platform; trace
De trein naar Utrecht vertrekt van spoor vijf.
de spoorlijnB1
railway line
De spoorlijn wordt volgend jaar vernieuwd.
de sportA1
sport
Welke sport doe jij?
het sportabonnementB1
gym membership
Mijn sportabonnement loopt per maand.
het sportevenementB1
sports event
Het sportevenement trekt duizenden bezoekers.

