Je EigenRoute
InloggenRegistreren

Woordenschat

6551 woorden · pagina 56 van 263

  • doorbrengenB1scheidbaaronregelmatig

    bracht door · brachten door · hebben doorgebracht

    to spend (time)

    We brengen de zomer door bij familie in Marokko.

  • doordatB2

    because (cause)

    Doordat de trein uitviel, kwam zij te laat.

  • doorgaanB1scheidbaaronregelmatig

    ging door · gingen door · zijn doorgegaan

    to go ahead, to take place; to continue

    Door de regen kan de markt vandaag niet doorgaan.

  • doorgaansB2

    usually, generally

    De bus komt doorgaans op tijd.

  • doorgevenB1scheidbaaronregelmatig

    gaf door · gaven door · hebben doorgegeven

    to pass on

    Kun je dat aan je collega doorgeven?


    to report, to pass on (information)

    Geef een adreswijziging door aan de gemeente.

  • doorgroeienB2scheidbaar

    groeide door · zijn doorgegroeid

    to advance, to grow (in a career)

    Binnen dit bedrijf kun je snel doorgroeien.

  • doorlopenB1scheidbaaronregelmatig

    liep door · liepen door · hebben/zijn doorgelopen

    to keep walking; to go through; to continue

    Loop maar door, de bus staat om de hoek.

  • doorschakelenB2scheidbaar

    schakelde door · hebben doorgeschakeld

    to put through

    Ik schakel u door naar mijn collega.

  • doorstaanB2onregelmatig

    doorstond · doorstonden · hebben doorstaan

    to endure, to get through

    Hij heeft een zware periode doorstaan.

  • de doorstroomB2

    progression (to next stage)

    De doorstroom naar het hoger onderwijs is gestegen.

  • doorverbindenB1scheidbaaronregelmatig

    verbond door · verbonden door · hebben doorverbonden

    to put through (a call)

    Ik verbind u door met de juiste afdeling.

  • doorverwijzenB1scheidbaaronregelmatig

    verwees door · verwezen door · hebben doorverwezen

    to refer on

    De huisarts verwees mij door naar het ziekenhuis.

  • de doorverwijzingB2

    referral to a specialist

    Zonder doorverwijzing kom je er niet binnen.

  • doorvragenB2scheidbaaronregelmatig

    vroeg door · vroegen door · hebben doorgevraagd

    to probe with follow-up questions

    Door goed door te vragen kwam de waarheid boven.

  • de doosA1

    box

    De boeken zitten in een doos.

  • het dorpA1

    village

    Zij komt uit een klein dorp.

  • het dorpshuisB2

    village hall

    Het dorpshuis is het hart van de gemeenschap.

  • de dorpskernB2

    village centre

    De winkels staan in de dorpskern.

  • het dorpslevenB2

    village life

    Het dorpsleven draait om de vereniging.

  • de dorstA1

    thirst

    Heb je dorst?

  • de doseringB2

    dosage

    Houd je precies aan de dosering.

  • het dossierB1

    file, dossier

    De huisarts kijkt eerst in je dossier.

  • de douaneB2

    customs

    De douane controleerde de vrachtwagen.

  • doublerenB2

    doubleerde · hebben gedoubleerd

    to repeat a school year

    Hij moest de derde klas doubleren.

  • de doucheA1

    shower

    Ik neem 's ochtends een douche.