Je EigenRoute
InloggenRegistreren

Woordenschat

66 woorden · pagina 3 van 3

  • teA1

    too (excessively)

    Deze jas is te duur voor mij.


    to (before an infinitive)

    Ik probeer elke dag Nederlands te spreken.

  • terugA1

    back (returning)

    Ik ben om zes uur terug.

  • tochA1

    still, anyway

    Het was koud, maar we gingen toch.

  • vaakA1

    often

    Ik ga vaak met de fiets.

  • vanavondA1

    this evening

    Vanavond blijf ik thuis.

  • vandaagA1

    today

    Vandaag is het mooi weer.

  • vanmiddagA1

    this afternoon

    Vanmiddag heb ik een afspraak.

  • vanmorgenA1

    this morning

    Vanmorgen was het erg koud.

  • vannachtA1

    last night; tonight

    Vannacht heeft het in het hele land gesneeuwd.

  • verA1

    far

    Is het nog ver?

  • vooralA1

    especially, mainly

    Ik oefen vooral spreken.

  • waarschijnlijkA1

    probably

    Hij komt waarschijnlijk te laat.

  • het weerA1

    weather

    Het weer verandert hier snel.


    again

    Hij is weer te laat op zijn werk gekomen.

  • wekelijksA1

    weekly

    De les is wekelijks op dinsdag.

  • welA1

    indeed, though (emphasis)

    Ik heb geen auto, maar wel een fiets.

  • zwartA1

    black

    Hij heeft zwarte schoenen aan.


    undeclared, off the books (of work)

    Zwart werken kan een hoge boete opleveren.