Woordenschat
1768 woorden · pagina 22 van 71
de grensA2
border; limit
Bij de grens met Duitsland is geen controle meer.
de griepA2
flu
Half kantoor heeft de griep.
de griepprikA2
flu jab
Ouderen krijgen elk jaar een griepprik.
de groeiB1
growth
De groei van de economie was dit jaar klein.
het groengebiedB1
green area
Er komt een nieuw groengebied bij de wijk.
de groenstrookB1
green strip, verge
Langs de weg ligt een brede groenstrook.
de groenteA2
vegetables
Eet elke dag genoeg groente.
de groenvoorzieningB1
public greenery
De gemeente onderhoudt de groenvoorziening.
de groepA1
group
De groep vertrekt om negen uur met de bus.
de groepslesA2
group lesson
Een groepsles is goedkoper dan privéles.
de groetB1
greeting, regards
Ik eindig mijn e-mail altijd met een vriendelijke groet.
de grondB1
ground, soil; land
De grond is nat na al die regen.
het grondwaterB1
groundwater
Het grondwater staat hier hoog.
de grondwetA2
constitution
Dat recht staat in de grondwet.
de grootmoederA2
grandmother (formal)
Mijn grootmoeder is geboren in een dorp in Friesland.
de grootvaderA2
grandfather (formal)
Mijn grootvader werkte vroeger als visser op zee.
het haarA1
hair
Zij heeft lang haar.
her
Anna zoekt haar sleutels in haar tas.
de haastA2
hurry, haste
Ik heb haast, want mijn bus vertrekt zo.
de hagelslagA1
chocolate sprinkles
Nederlandse kinderen eten hagelslag op brood.
de halteA2
stop (bus/tram)
De halte is om de hoek.
de hamA1
ham
Ik neem een boterham met ham.
de handA1
hand
Was je handen voor het eten.
de handdoekA1
towel
De handdoek hangt in de badkamer.
de handelB1
trade, commerce
De haven van Rotterdam is belangrijk voor de handel.
de handtekeningA2
signature
Zet hier onderaan het formulier uw handtekening.

