Woordenschat
5480 woorden · pagina 19 van 220
de beleidsvormingB2
policy-making
Bij de beleidsvorming worden experts geraadpleegd.
belevenA2
beleefde · hebben beleefd
to live through, to experience
Iedereen beleeft zo'n dag anders.
de belichtingB2
lighting, exposure
De belichting maakt of breekt een foto.
bellenA1
belde · hebben gebeld
to call (on the phone)
Ik bel je vanavond na het eten.
belovenB1
beloofde · hebben beloofd
to promise
Hij beloofde het morgen af te maken.
bemiddelenB2
bemiddelde · hebben bemiddeld
to mediate
Een collega bemiddelde in het conflict.
de bemiddelingB2
mediation
Na bemiddeling kwamen ze er samen uit.
het bemiddelingsbureauB2
placement agency
Het bemiddelingsbureau zoekt kandidaten voor de zorg.
bemoedigendB2
encouraging
De eerste resultaten zijn bemoedigend.
zich bemoeienB2wederkerend
bemoeide · hebben bemoeid
to interfere, to meddle
Bemoei je er niet mee, het is haar zaak.
benaderenB1
benaderde · hebben benaderd
to approach, to contact
U kunt ons per e-mail benaderen.
benadrukkenB2
benadrukte · hebben benadrukt
to emphasise
Zij benadrukte het belang van goede afspraken.
benedenA2
downstairs, below
De keuken is beneden en de slaapkamers zijn boven.
benieuwdB1
curious (to know)
Ik ben benieuwd naar de uitslag van het examen.
benijdenB2
benijdde · hebben benijd
to envy
Ik benijd haar rust niet weinig.
benoemenB2
benoemde · hebben benoemd
to appoint; to name
Zij is benoemd tot directeur van de school.
de benzineA2
petrol
De benzine is weer duurder geworden.
beogenB2
beoogde · hebben beoogd
to aim at
De wet beoogt meer duidelijkheid.
beoordelenB2
beoordeelde · hebben beoordeeld
to assess, to grade
De docent beoordeelt het werk anoniem.
de beoordelingB1
assessment, appraisal
De beoordeling van mijn werk was positief.
het beoordelingsgesprekB1
appraisal meeting
Het beoordelingsgesprek is in december.
bepalenA1
bepaalde · hebben bepaald
to determine, to decide
Jij mag bepalen waar we eten.
beperkenB2
beperkte · hebben beperkt
to limit, to restrict
De gemeente wil het autoverkeer in het centrum beperken.
de beperkingB2
impairment, limitation
Hij werkt ondanks een lichamelijke beperking.
bereidenA2
bereidde · hebben bereid
to prepare (food)
Dit gerecht is makkelijk te bereiden.

