Je EigenRoute
InloggenRegistreren

Woordenschat

4334 woorden · pagina 154 van 174

  • verwoestenB1

    verwoestte · hebben verwoest

    to destroy, to devastate

    De storm verwoestte tientallen huizen aan de kust.

  • verwoordenB1

    verwoordde · hebben verwoord

    to put into words

    Hij kon zijn kritiek goed verwoorden.

  • verzamelenA2

    verzamelde · hebben verzameld

    to collect

    Hij verzamelt oude postzegels.

  • de verzamelingB1

    collection (of things gathered)

    Hij heeft een grote verzameling oude munten.

  • verzekerdB1

    insured

    Bent u verzekerd voor tandartskosten?

  • verzekerenB1

    verzekerde · hebben verzekerd

    to insure; to assure

    Is je fiets verzekerd tegen diefstal?

  • de verzekeringA2

    insurance

    Heb je een verzekering voor je fiets?

  • verzendenB1onregelmatig

    verzond · verzonden · hebben verzonden

    to send, to dispatch

    Klik op de knop om het formulier te verzenden.

  • het verzetB1

    resistance (movement), opposition

    Zijn grootvader zat in het verzet.

  • verzettenA2

    verzette · hebben verzet

    to move, to reschedule (an appointment)

    Kunnen we de afspraak naar vrijdag verzetten?


    zich verzettenwederkerend

    to resist, to oppose

    Veel bewoners verzetten zich tegen het plan.

  • verzinnenB1onregelmatig

    verzon · verzonnen · hebben verzonnen

    to make up, to invent

    Hij verzint altijd een smoes als hij te laat is.

  • het verzoekB1

    request

    Uw verzoek is in behandeling.

  • verzoekenB1onregelmatig

    verzocht · verzochten · hebben verzocht

    to request

    Wij verzoeken u het formulier te ondertekenen.

  • verzorgenB1

    verzorgde · hebben verzorgd

    to care for

    Zij verzorgt haar moeder thuis.

  • het verzorgingshuisB1

    care home

    Mijn oma woont in een verzorgingshuis.

  • zich vestigenA2wederkerend

    vestigde · hebben gevestigd

    to settle

    Veel jonge gezinnen vestigen zich in deze wijk.

  • de vestigingB1

    branch, establishment

    Het bedrijf heeft vestigingen in tien steden.

  • het vetB1

    fat, grease

    Deze snack bevat veel vet en zout.

  • viaA2

    via, through

    Ik heb het nieuws via een vriendin gehoord.

  • de videoA1

    video

    Ik heb een korte video van het feest gemaakt.

  • vierA1

    four

    Wij wonen op nummer vier.

  • vierdeA1

    fourth

    Dit is mijn vierde les.

  • vierenA2

    vierde · hebben gevierd

    to celebrate

    We vieren zaterdag de verjaardag van onze zoon.

  • vierkantA1

    square (shape)

    Het plein is bijna vierkant.

  • viesA1

    dirty

    Je schoenen zijn vies.


    disgusting, nasty (of taste or smell)

    Deze medicijnen smaken behoorlijk vies.