Woordenschat
3699 woorden · pagina 140 van 148
de wegwijzerB1
signpost
Volg de wegwijzers naar het centrum.
weigerenB1
weigerde · hebben geweigerd
to refuse
Hij weigerde het voorstel.
het weilandB1
meadow, pasture
In het weiland staan koeien.
weinigA1
little, few
Ik heb weinig tijd.
wekelijksA1
weekly
De les is wekelijks op dinsdag.
wekkenB1
wekte · hebben gewekt
to wake (someone); to arouse
Wil je me om zeven uur wekken?
welA1
indeed, though (emphasis)
Ik heb geen auto, maar wel een fiets.
weleensA2
ever; sometimes
Ben jij weleens in Maastricht geweest?
welkeA1
which
Welke bus moet ik nemen?
welkomA1
welcome
Welkom bij ons thuis!
wennenA2
wende · zijn gewend
to get used (to)
Ik moet nog wennen aan het Nederlandse weer.
de wensA2
wish
Mijn grootste wens is een eigen huis.
wensenA2
wenste · hebben gewenst
to wish
Wij wensen u veel beterschap.
de wereldA1
world
Nederlandse kaas is bekend in de hele wereld.
de wereldoorlogB1
world war
Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Nederland bezet.
wereldwijdB1
worldwide
Het probleem van plastic is wereldwijd bekend.
het werkA1
work
Ik ga om acht uur naar mijn werk.
de werkafspraakA2
work arrangement
We maken hierover een werkafspraak.
het werkbriefjeA2
timesheet
Lever je werkbriefje op vrijdag in.
de werkdagA2
working day
Het was een lange werkdag.
het werkdocumentB1
working document
Bewaar dit werkdocument goed.
werkelijkB1
really, truly
Ik weet werkelijk niet wat ik moet doen.
de werkelijkheidB1
reality
In werkelijkheid was het allemaal veel ingewikkelder.
werkenA1
werkte · hebben gewerkt
to work
Zij werkt in een ziekenhuis.
to work, to function (of a device)
De lift werkt vandaag niet.
de werkervaringB1
work experience
Voor deze baan is werkervaring vereist.

