Woordenschat
306 woorden · pagina 12 van 13
voorlopigB1
provisional; for the time being
Voorlopig blijf ik bij mijn ouders wonen.
vorigA1
previous, last
Vorig jaar woonde ik nog in Polen.
vreemdA2
strange; foreign
Ik hoorde vannacht een vreemd geluid in de keuken.
vreselijkA2
terrible, dreadful (informal)
Ik had vreselijke hoofdpijn na het feest.
vriendelijkA2
friendly, kind
De mensen in deze winkel zijn altijd erg vriendelijk.
vrijA1
free, vacant
Is deze stoel vrij?
vroegA1
early
Ik sta elke dag vroeg op.
vrolijkA2
cheerful, merry
Zij is altijd vrolijk op haar werk.
vrouwelijkB1
female, feminine
Steeds meer vrouwelijke studenten kiezen voor techniek.
waardB1
worth
Dit oude schilderij is veel geld waard.
wakkerA1
awake
Ik word elke ochtend om zes uur wakker.
warmA1
warm, hot
De soep is nog warm.
weinigA1
little, few
Ik heb weinig tijd.
wereldwijdB1
worldwide
Het probleem van plastic is wereldwijd bekend.
werkloosB1
unemployed
Hij is sinds januari werkloos.
wetenschappelijkA2
scientific
Er is wetenschappelijk bewijs voor deze aanpak.
wildB1
wild
In dit park leven wilde paarden.
witA1
white
De muren zijn wit geverfd.
zachtA1
soft
Dit kussen is lekker zacht.
quiet, soft (of sound)
Praat wat zachter, de kinderen slapen al.
zekerA1
certain, sure
Weet je dat zeker?
zelfstandigB1
self-reliant, independent
Je moet in deze functie zelfstandig kunnen werken.
zenuwachtigA2
nervous
Ik ben zenuwachtig voor het examen.
zichtbaarB1
visible
Draag in het donker een zichtbaar hesje op de fiets.
ziekA1
ill
Ik ben vandaag ziek.
zoetA2
sweet
Deze appel is heel zoet.
fresh (of water)
In de sloot staat zoet water, geen zeewater.

