Je EigenRoute
InloggenRegistreren

Woordenschat

7809 woorden · pagina 102 van 313

  • de havenmondB2

    harbour entrance

    Bij de havenmond is het altijd druk.

  • het hboB1

    higher vocational education (university of applied sciences)

    Na het mbo wil ze een opleiding op het hbo volgen.

  • hebbenA1onregelmatig

    had · hadden · hebben gehad

    to have

    Wij hebben twee kinderen.


    (perfect auxiliary: have/has)

    Ik heb de brief gisteren al geschreven.

  • hechtB2

    close(-knit); firm

    Wij zijn een hecht gezin en zien elkaar vaak.

  • hechtenB1

    hechtte · hebben gehecht

    to attach (importance); to be attached

    Wij hechten veel waarde aan een goede samenwerking.

  • de hechtingB2

    stitch, suture

    De hechtingen mogen er volgende week uit.

  • de hectareB2

    hectare

    De boer heeft vijftig hectare grond.

  • het hedenB1

    present (time), today

    Het museum laat de stad zien van vroeger tot heden.

  • hedendaagsB2

    contemporary

    Het museum toont hedendaagse kunst uit Afrika.

  • heelA1

    very; whole

    Het is heel warm vandaag.

  • het heelalB2

    universe

    Het heelal blijft uitdijen.

  • heenA2

    there, away (heen en terug)

    Ik heb een kaartje heen en terug gekocht.

  • de heerA2

    gentleman; Mr (formal)

    Geachte heer, hierbij reageer ik op uw advertentie.

  • heerlijkA2

    delicious, lovely

    De soep van mijn moeder smaakt heerlijk.

  • heersenB1

    heerste · hebben geheerst

    to prevail; to rule

    In de stad heerste na de wedstrijd een feestelijke sfeer.

  • heetA2

    hot

    Pas op, de thee is nog heel heet.

  • heffenB2onregelmatig

    hief · hieven · hebben geheven

    to levy; to raise

    De gemeente heft belasting op afval.

  • de heffingskortingB2

    tax credit

    Iedereen heeft recht op de algemene heffingskorting.

  • heftigB2

    intense, heavy, violent

    Het gesprek met mijn baas was best heftig.

  • de heftruckB2

    forklift

    Voor de heftruck heb je een certificaat nodig.

  • de heideB2

    heath

    Op de heide bloeit in augustus de heidestruik.

  • heiligB2

    holy, sacred

    Voor veel gelovigen is deze plek heilig.

  • het heimweeB2

    homesickness

    In het begin had zij veel heimwee.

  • het hekA1

    fence, gate

    Doe het hek achter je dicht.

  • de hekelB2

    dislike

    Ik heb een hekel aan vroeg opstaan.