Woordenschat
61 woorden · pagina 2 van 3
verwachtenA1
verwachtte · hebben verwacht
to expect
We verwachten hem om zes uur.
de videoA1
video
Ik heb een korte video van het feest gemaakt.
vierA1
four
Wij wonen op nummer vier.
vierdeA1
fourth
Dit is mijn vierde les.
vierkantA1
square (shape)
Het plein is bijna vierkant.
viesA1
dirty
Je schoenen zijn vies.
disgusting, nasty (of taste or smell)
Deze medicijnen smaken behoorlijk vies.
vijfA1
five
Het kost vijf euro.
vijfdeA1
fifth
Neem de vijfde straat links.
vijftigA1
fifty
Ik betaal met een briefje van vijftig.
vindenA1onregelmatig
vond · vonden · hebben gevonden
to find; to think (of)
Ik kan het niet vinden.
de vingerA1
finger
Ik heb mijn vinger gesneden.
de visA1
fish
Op vrijdag eten we vaak vis.
de vlaA1
custard
Als toetje eten we vla.
het vleesA1
meat
Zij eet geen vlees.
de vloerA1
floor
De vloer is nog nat.
voelenA1
voelde · hebben gevoeld
to feel (something)
Ik voel de wind in mijn gezicht.
zich voelenwederkerend
to feel (well, ill, tired)
Ik voel me vandaag beter.
de voetA1
foot
Mijn voet doet zeer.
het voetbalA1
football, soccer
Op zaterdag kijkt mijn vader altijd voetbal op tv.
voetballenA1
voetbalde · hebben gevoetbald
to play football
De kinderen voetballen na school op het plein.
volA1
full
De bus is helemaal vol.
volgendA1
next
Volgende week begin ik met de cursus.
voorA1
for; before
Dit cadeau is voor jou.
vooralA1
especially, mainly
Ik oefen vooral spreken.
de voordeurA1
front door
De voordeur zit op slot.
voorkomenA1scheidbaaronregelmatig
kwam voor · kwamen voor · zijn voorgekomen
to occur, to happen
Dat probleem komt hier vaak voor.

