Je EigenRoute
InloggenRegistreren

Woordenschat

41 woorden · pagina 1 van 2

  • de saladeA1

    salad

    Bij het vlees eten we salade.

  • het sapA1

    juice

    Een glas sap, alstublieft.

  • de sausA1

    sauce

    Wil je saus bij de patat?

  • de schaarA1

    scissors

    Heb je een schaar voor me?

  • de schoenA1

    shoe

    Deze schoen past niet, hij is te klein.

  • de schoolA1

    school

    Mijn kinderen gaan hier naar school.

  • de schoondochterA1

    daughter-in-law

    Onze schoondochter komt uit Spanje.

  • de schoonmoederA1

    mother-in-law

    Mijn schoonmoeder komt zondag eten.

  • de schoonvaderA1

    father-in-law

    Mijn schoonvader helpt vaak in de tuin.

  • de schoonzoonA1

    son-in-law

    Haar schoonzoon werkt in de bouw.

  • de schoonzusA1

    sister-in-law

    Mijn schoonzus komt uit Italië.

  • de schoorsteenA1

    chimney

    Uit de schoorsteen komt rook.

  • de schouderA1

    shoulder

    Mijn schouder doet pijn.

  • de schuurA1

    shed

    De fietsen staan in de schuur.

  • de secondeA1

    second (of time)

    Wacht één seconde.

  • het seizoenA1

    season

    De herfst is mijn favoriete seizoen.

  • septemberA1

    September

    De school begint weer in september.

  • het shirtA1

    shirt

    Hij draagt een wit shirt.

  • de sinaasappelA1

    orange (fruit)

    Ik pers elke ochtend een sinaasappel.

  • de slaA1

    lettuce

    Er ligt sla in de koelkast.

  • de slaapA1

    sleep

    Ik heb te weinig slaap gehad.

  • de slaapkamerA1

    bedroom

    Wij hebben twee slaapkamers.

  • het slachtofferA1

    victim, casualty

    Het slachtoffer is aanspreekbaar.

  • het sleutelbosA1

    bunch of keys

    Mijn sleutelbos ligt op de kast.

  • het snoepA1

    sweets, candy

    Kinderen eten te veel snoep.