Je EigenRoute
InloggenRegistreren

Woordenschat

321 woorden · pagina 4 van 13

  • het onderwijsonderzoekB2

    educational research

    Uit onderwijsonderzoek blijkt dat kleine klassen helpen.

  • het onderwijsprogrammaB2

    educational programme

    Het onderwijsprogramma is landelijk vastgesteld.

  • het onderwijssysteemB2

    education system

    Het Nederlandse onderwijssysteem selecteert vroeg.

  • de onderwijsvernieuwingB2

    educational reform

    Onderwijsvernieuwing stuit soms op weerstand.

  • de onderwijsvormB2

    form of education

    Welke onderwijsvorm past het beste bij jou?

  • het onderzoekA1

    examination, research

    Het onderzoek liet niets bijzonders zien.

  • onderzoekenA2onregelmatig

    onderzocht · onderzochten · hebben onderzocht

    to investigate

    Journalisten onderzoeken de zaak nog.


    to examine (a patient)

    De huisarts onderzoekt haar knie.

  • de onderzoekerB2

    researcher

    De onderzoekers publiceerden hun bevindingen.

  • de onderzoeksgroepB2

    research group

    De onderzoeksgroep bestaat uit acht mensen.

  • de onderzoeksmethodeB2

    research method

    De gekozen onderzoeksmethode bepaalt de uitkomst.

  • de onderzoeksopzetB2

    research design

    De onderzoeksopzet bepaalt hoe sterk de conclusies zijn.

  • het onderzoeksresultaatB2

    research finding

    De onderzoeksresultaten zijn nog niet gepubliceerd.

  • het onderzoeksveldB2

    field of research

    Dit is een jong onderzoeksveld.

  • de onderzoeksvraagB2

    research question

    De onderzoeksvraag is te breed geformuleerd.

  • ondubbelzinnigB2

    unambiguous

    Zijn antwoord was ondubbelzinnig: nee.

  • de onenigheidB2

    disagreement

    Er ontstond onenigheid over de aanpak.

  • het ongeduldB2

    impatience

    Hij wachtte vol ongeduld op het antwoord.

  • ongeduldigA2

    impatient

    Ze wachtte ongeduldig op het antwoord.

  • de ongeduldigheidB2

    impatience

    Zijn ongeduldigheid viel iedereen op.

  • ongedwongenB2

    informal, relaxed

    De sfeer was ongedwongen.

  • de ongelijkheidB2

    inequality

    De ongelijkheid tussen groepen neemt toe.

  • het ongelukA2

    accident

    Het ongeluk gebeurde op de trap.

  • het ongemakB2

    discomfort, awkwardness

    Zijn opmerking veroorzaakte enig ongemak.

  • de ongemakkelijkheidB2

    awkwardness

    Er hing een zekere ongemakkelijkheid in de kamer.

  • ongerustA2

    worried, anxious

    Ik was ongerust toen je niet belde.