Woordenschat
Filters2
20 woorden · pagina 1 van 1
de naamA1
name
Wat is jouw naam?
de nachtA1
night
Ik heb de hele nacht slecht geslapen.
de nachtdienstA2
night shift
Deze week heb ik nachtdienst.
de nagelA1
nail
Mijn nagels zijn te lang.
het nagerechtA2
dessert
Als nagerecht is er ijs.
de naturalisatieA2
naturalisation
Na naturalisatie krijg je het Nederlandse paspoort.
de natuurA2
nature
Op zondag wandelen we graag in de natuur.
het NederlandsA1
Dutch (language)
Ik leer al twee jaar Nederlands op een taalschool.
de neefA1
cousin (male), nephew
Mijn neef is even oud als ik.
de nekA1
neck
Ik heb een stijve nek.
het netwerkA2
network
Het netwerk lag er een halve dag uit.
de neusA1
nose
Mijn neus is verstopt.
de nichtA1
cousin (female), niece
Mijn nicht woont in Rotterdam.
de nierA1
kidney
Hij heeft problemen met zijn nieren.
het nieuwsA1
news
Ik volg het nieuws elke ochtend.
het niveauA2
level
Op welk niveau zit je nu?
het noordenA2
north
Groningen ligt in het noorden van Nederland.
de nootA1
nut
Ik ben allergisch voor noten.
note (in music)
Bij deze noot moet je het pedaal indrukken.
novemberA1
November
November is een donkere maand.
het nummerA1
number
Wat is het nummer van je huis?

