Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

165 palabras · página 3 de 7

  • zeventigA1

    setenta

    Buiten de bebouwde kom mag je zeventig.

  • zichtbaarB1

    visible

    Draag in het donker een zichtbaar hesje op de fiets.

  • ziekA1

    enfermo

    Ik ben vandaag ziek.

  • het ziekenhuisA2

    hospital

    Ze ligt sinds gisteren in het ziekenhuis.

  • de ziekenhuisafdelingB2

    planta hospitalaria

    Hij ligt op de ziekenhuisafdeling cardiologie.

  • het ziekenhuisbezoekB1

    visita al hospital

    Het ziekenhuisbezoek duurde twee uur.

  • de ziekenhuisopnameB1

    ingreso hospitalario

    Een ziekenhuisopname was niet nodig.

  • de ziekenhuiszorgB2

    atención hospitalaria

    De ziekenhuiszorg wordt geconcentreerd in grote centra.

  • de ziekenverzorgerB2

    auxiliar de enfermería

    De ziekenverzorger werkt in de nachtdienst.

  • zich ziekmeldenA2separablereflexivo

    meldde ziek · hebben ziekgemeld

    avisar de baja por enfermedad

    Je moet je voor negen uur ziekmelden.

  • de ziekmeldingB1

    aviso de baja

    Doe je ziekmelding voor negen uur.

  • de ziekteA1

    enfermedad

    Het is een ziekte die vaak voorkomt.

  • het ziektebeeldB1

    cuadro clínico

    Dit ziektebeeld komt vaker voor bij ouderen.

  • de ziektebestrijdingB2

    lucha contra la enfermedad

    Vaccinatie is een pijler van ziektebestrijding.

  • de ziektekostenB1

    gastos médicos

    De ziektekosten worden grotendeels vergoed.

  • het ziektekostenstelselB2

    sistema de seguro médico

    Het ziektekostenstelsel werd in 2006 hervormd.

  • de ziektekostenvergoedingB1

    reembolso de gastos médicos

    Vraag na of je ziektekostenvergoeding krijgt.

  • de ziektelastB2

    carga de enfermedad

    De ziektelast van roken is enorm.

  • de ziektepreventieB2

    prevención de enfermedades

    Ziektepreventie bespaart op lange termijn geld.

  • het ziekteverloopB2

    evolución de la enfermedad

    Het ziekteverloop verschilt per patiënt.

  • het ziekteverzuimB2

    absentismo por enfermedad

    Het ziekteverzuim is dit jaar gedaald.

  • de zielB2

    alma

    Muziek is goed voor de ziel.

  • zienA1irregular

    zag · zagen · hebben gezien

    ver

    Ik zie je morgen.

  • de zijdeA2

    seda

    De sjaal is van zijde.


    lado

    Aan de andere zijde van de straat staat een apotheek.

  • zijnA1irregular

    was · waren · zijn geweest

    ser, estar

    Ik ben blij dat je er bent.


    su (de él)

    Peter pakt zijn jas en loopt naar buiten.