Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

266 palabras · página 3 de 11

  • waterbesparingB2

    ahorro de agua

    Waterbesparing begint bij korter douchen.

  • waterkeringB2

    defensa contra inundaciones

    De waterkering is versterkt.

  • waterkwaliteitB1

    calidad del agua

    De waterkwaliteit van de rivier is verbeterd.

  • waterlinieB2

    línea defensiva de agua

    De waterlinie beschermde het land door onderwaterzetting.

  • watermeterB2

    contador de agua

    De watermeter wordt jaarlijks opgenomen.

  • wateroverlastB1

    inundaciones

    Na de storm was er wateroverlast in de kelder.

  • waterpeilB1

    nivel de agua

    Het waterpeil in de polder wordt geregeld.

  • waterschaarsteB2

    escasez de agua

    In droge zomers dreigt waterschaarste.

  • waterschapB1

    junta de aguas

    Het waterschap beheert de dijken.

  • waterstandB1

    nivel del agua

    De waterstand in de rivier is hoog.

  • waterstofB2

    hidrógeno

    Waterstof geldt als brandstof van de toekomst.

  • watervalB2

    cascada

    De waterval is dertig meter hoog.

  • waterverbruikB1

    consumo de agua

    Ons waterverbruik is dit jaar gedaald.

  • webinarB2

    seminario web

    Het webinar wordt opgenomen.

  • webshopA2

    tienda online

    Ik bestel het liever in een webshop.

  • websiteB2

    sitio web

    De website van de gemeente is vernieuwd.

  • webwinkelB2

    tienda en línea

    De webwinkel bezorgt binnen twee dagen.

  • wederopbouwB2

    reconstrucción de posguerra

    De wederopbouw duurde tot in de jaren zestig.

  • wedstrijdB1

    partido, competición

    De wedstrijd begint om drie uur.

  • wedstrijdschemaB2

    calendario de partidos

    Het wedstrijdschema hangt in de kantine.

  • wedstrijdverslagB2

    crónica del partido

    Het wedstrijdverslag stond de volgende dag in de krant.

  • weekA1

    semana

    Deze week werk ik thuis.

  • weekbladB2

    semanario

    Het weekblad staat vol achtergrondverhalen.

  • weekdagA1

    día laborable

    Op weekdagen sta ik vroeg op.

  • weekendA1

    fin de semana

    In het weekend werk ik niet.