Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

269 palabras · página 2 de 11

  • de wandelclubB1

    club de senderismo

    Mijn moeder zit bij een wandelclub.

  • wandelenA1

    wandelde · hebben/zijn gewandeld

    pasear

    We gaan zondag wandelen.

  • de wandelingB1

    paseo

    We maken elke zondag een wandeling.

  • de wandelrouteB1

    ruta de senderismo

    Deze wandelroute is tien kilometer lang.

  • de wangA1

    mejilla

    Haar wangen zijn rood van de kou.

  • de wanhoopB2

    desesperación

    Uit wanhoop belde hij de hulplijn.

  • wanhopigB2

    desesperado

    Hij zocht wanhopig naar een oplossing.

  • wanneerA1

    cuándo

    Wanneer begint de les?

  • de wanprestatieB2

    incumplimiento de la prestación

    Bij wanprestatie kun je de overeenkomst ontbinden.

  • wantA1

    pues, porque (coordinante)

    Ik blijf thuis, want ik ben ziek.

  • het wantrouwenB2

    desconfianza

    Het wantrouwen tegenover de overheid groeit.

  • warmA1

    caliente

    De soep is nog warm.

  • de warming-upB2

    calentamiento

    Sla de warming-up nooit over.

  • het warmtenetB2

    red de calor

    De wijk wordt aangesloten op een warmtenet.

  • de warmtepompB2

    bomba de calor

    Een warmtepomp vervangt de gasketel.

  • het warmteverliesB2

    pérdida de calor

    Het meeste warmteverlies gaat via het dak.

  • de wasdrogerA2

    secadora

    In de winter gebruik ik de wasdroger.

  • het wasgoedA2

    la colada

    Het wasgoed hangt buiten te drogen.

  • de wasmachineA2

    lavadora

    De wasmachine is kapot.

  • de wasmandA1

    cesto de la ropa

    De vuile kleren liggen in de wasmand.

  • wassenA2irregular

    waste · wasten · hebben gewassen

    lavar

    Ik moet nog kleren wassen.

  • de wastafelA2

    lavabo

    De kraan van de wastafel lekt.

  • watA1

    qué

    Wat doe je?

  • wat mij betreftB2

    por mi parte

    Wat mij betreft beginnen we meteen.

  • het waterA1

    agua

    Drink veel water op een warme dag.