Je EigenRoute
EntrarRegistrarse

Vocabulario

116 palabras · página 2 de 5

  • natuurbehoudB2

    conservación de la naturaleza

    Natuurbehoud en woningbouw botsen soms.

  • natuurbeschermingB1

    protección de la naturaleza

    Natuurbescherming is bij wet geregeld.

  • natuurcompensatieB2

    compensación ambiental

    Bij nieuwbouw is natuurcompensatie verplicht.

  • natuurervaringB1

    experiencia en la naturaleza

    Kamperen geeft een echte natuurervaring.

  • natuurgebiedB2

    espacio natural

    Dit natuurgebied is beschermd.

  • natuurherstelB2

    restauración de la naturaleza

    Er is geld vrijgemaakt voor natuurherstel.

  • natuurherstelprojectB2

    proyecto de restauración natural

    Het natuurherstelproject loopt tien jaar.

  • natuurkundeB2

    física

    Bij natuurkunde doen we proeven.

  • natuurlijkB1

    natural; por supuesto

    Dit is een natuurlijk product.

  • natuurpadB2

    sendero natural

    Het natuurpad is deels onverhard.

  • natuurrampB1

    desastre natural

    De natuurramp trof duizenden mensen.

  • natuurwaardeB2

    valor natural

    Het gebied heeft een hoge natuurwaarde.

  • natuurwandelingB1

    paseo por la naturaleza

    Zondag maken we een natuurwandeling.

  • natuurwetgevingB2

    legislación ambiental

    De natuurwetgeving beschermt zeldzame soorten.

  • nauwelijksB2

    apenas

    Er is nauwelijks tijd over.

  • nauwkeurigB1

    preciso, meticuloso

    Dit werk moet nauwkeurig gebeuren.

  • navoB2

    OTAN

    Nederland is lid van de navo.

  • navragenB1

    consultar, averiguar

    Ik zal het even navragen bij de gemeente.

  • nazorgB1

    seguimiento posterior

    Na de operatie krijgt u nazorg thuis.

  • neefA1

    primo, sobrino

    Mijn neef is even oud als ik.

  • neerslachtigB2

    decaído

    In november voelt zij zich vaak neerslachtig.

  • neerslagB1

    precipitaciones

    Er wordt veel neerslag verwacht.

  • neerslagkansB2

    probabilidad de precipitación

    De neerslagkans is zeventig procent.

  • negenA1

    nueve

    De winkel opent om negen uur.

  • negentigA1

    noventa

    Hij werd negentig jaar oud.