Vocabulario
Filtros1
Secciones
Categorías gramaticales
280 palabras · página 1 de 12
aanA1
en, a
De foto hangt aan de muur.
aan de andere kantB2
por otro lado
Aan de andere kant kost het meer tijd.
aan de ene kantB2
por un lado
Aan de ene kant is het goedkoper.
aanbetalingB2
pago inicial
Er is een aanbetaling van tien procent nodig.
aanbevelingB1
recomendación
Zij schreef een aanbeveling voor mij.
aanbiedenA2
ofrecer
Zij bood aan om te helpen.
aanbiederB2
proveedor
Deze aanbieder is dit jaar het goedkoopst.
aanbiedingA2
oferta
De kaas is in de aanbieding.
aanbodA2
oferta, surtido
Het aanbod in deze winkel is groot.
aandachtB1
atención
Besteed extra aandacht aan de uitspraak.
aandeelB2
acción
Hij kocht aandelen in een energiebedrijf.
aandeelhouderB2
accionista
De aandeelhouders stemden over het voorstel.
aandelenkoersB2
cotización de la acción
De aandelenkoers daalde na het nieuws.
aandoeningB2
afección
Het gaat om een zeldzame aandoening.
aandringenB1
insistir
Hij bleef aandringen op een antwoord.
aangedaanB2
conmovido
Zij was zichtbaar aangedaan door het bericht.
aangetekendB2
por correo certificado
Stuur de opzegging aangetekend.
aangezienB2
dado que
Aangezien het regent, gaan we niet.
aangifteB1
denuncia, declaración
Doe aangifte bij de politie.
aangifteformulierB1
formulario de declaración
Het aangifteformulier vind je online.
aangrijpendB2
conmovedor
Het is een aangrijpende documentaire.
aanhalenB2
citar
De auteur haalt meerdere onderzoeken aan.
aanhefB1
encabezamiento
Gebruik als aanhef 'Geachte heer/mevrouw'.
aanklachtB2
acusación
De aanklacht werd later ingetrokken.
aankomenA2
llegar
Wij komen om acht uur aan.

