Vocabulary
1053 words · page 1 of 43
de aanbiedingA2
special offer
De kaas is in de aanbieding.
het aanbodA2
range, offer
Het aanbod in deze winkel is groot.
de aandachtA1
attention
Besteed extra aandacht aan de uitspraak.
het aandeelA2
share, stock
Hij kocht aandelen in een energiebedrijf.
de aankomsthalA2
arrivals hall
Ik wacht op je in de aankomsthal.
de aankomsttijdA2
arrival time
De aankomsttijd staat op je kaartje.
de aankoopA2
purchase
Bewaar de bon van je aankoop.
de aanleidingA2
reason, occasion
Wat was de aanleiding voor dit besluit?
de aanstellingA2
appointment (to a post)
Zij kreeg een vaste aanstelling.
het aantalA1
number, amount
Het aantal deelnemers groeit.
de aanwezigheidA2
attendance, presence
Wij stellen uw aanwezigheid op prijs.
de aardappelA1
potato
We eten vanavond aardappelen.
de aardbeiA1
strawberry
In juni zijn de aardbeien het lekkerst.
de aardeA2
earth
De aarde warmt sneller op dan verwacht.
soil, earth (the material)
Doe wat aarde in de pot voordat je de plant erin zet.
het accountA2
account (online)
Maak eerst een account aan op de website.
de achterdeurA1
back door
Via de achterdeur kom je in de tuin.
de activiteitA2
activity
Zwemmen is een gezonde activiteit voor jong en oud.
de ademA1
breath
Haal even diep adem.
het adresA1
address
Schrijf hier je adres op.
de advocaatA2
lawyer
Zijn advocaat ging in beroep.
de afdelingA2
department
Zij werkt op de afdeling verkoop.
de afspraakA2
appointment
Ik heb een afspraak om half drie.
het afvalA2
waste
Het afval wordt op dinsdag opgehaald.
de agendaA2
diary, agenda
Ik zet de afspraak in mijn agenda.
de agentA2
police officer
De agent vraagt naar mijn rijbewijs en paspoort.

