Vocabulary
1768 words · page 61 of 71
de verjaardagA1
birthday
Morgen is mijn verjaardag.
het verkeerB1
traffic
Het verkeer is druk in de spits.
het verkeersbordB1
road sign
Let op het verkeersbord.
de verkeersdeelnameB1
participation in traffic
Veilige verkeersdeelname begint bij opletten.
de verkeersdeelnemerB1
road user
Elke verkeersdeelnemer moet opletten.
de verkeersdrukteB1
heavy traffic
Door de verkeersdrukte kwam ik te laat.
de verkeersinformatieB1
traffic information
Check de verkeersinformatie voor je vertrekt.
het verkeerslichtA2
traffic light
Sla linksaf bij het verkeerslicht.
het verkeersongevalB1
traffic accident
Door een verkeersongeval was de weg afgesloten.
het verkeersplanB1
traffic plan
De gemeente presenteerde een nieuw verkeersplan.
de verkeersregelB1
traffic rule
Fietsers moeten zich ook aan de verkeersregels houden.
de verkeerssituatieB1
traffic situation
Let goed op de verkeerssituatie.
de verkeersstroomB1
traffic flow
De verkeersstroom wordt met camera's gemeten.
de verkeersveiligheidB1
road safety
De gemeente investeert in verkeersveiligheid.
de verkiezingA2
election
De verkiezingen zijn over twee maanden.
de verkoopB1
sale(s)
De verkoop van elektrische auto's stijgt snel.
de verkoperA2
shop assistant, seller
De verkoper hielp me met de maat.
de verkoudheidA2
a cold
Een verkoudheid duurt meestal een week.
het verledenB1
past
In het verleden woonden hier vooral boeren.
het verliesB1
loss
Het bedrijf maakte vorig jaar verlies.
de verlofdagB1
day off
Ik neem morgen een verlofdag op.
de verpakkingA2
packaging
De verpakking is van karton.
het verpleeghuisB1
nursing home
Zijn moeder woont sinds vorig jaar in een verpleeghuis.
de verpleegkundigeA2
nurse
De verpleegkundige komt zo bij u.
de verpleegsterA2
nurse (female)
De verpleegster brengt elke ochtend mijn medicijnen.

