Vocabulary
1768 words · page 43 of 71
de plotselingA2
suddenly
Plotseling begon het te regenen.
de pogingB1
attempt
Hij haalde het examen bij de tweede poging.
het poldergebiedB1
polder area
Dit poldergebied ligt onder zeeniveau.
de politicusB1
politician
Elke politicus belooft voor de verkiezingen veel.
de politieA1
police
Na het ongeluk belde ik meteen de politie.
de polsA1
wrist
Ik heb mijn pols verstuikt.
pulse
De verpleegkundige voelt eerst je pols.
de poortB1
gate
Fietsen kun je achter de poort in de tuin zetten.
de portemonneeA1
wallet, purse
Mijn portemonnee zit in mijn tas.
de portieA2
portion
Dat is een grote portie.
de positieB1
position
Zij heeft een goede positie binnen het bedrijf.
de postA2
post, mail
Ik heb vandaag een brief van de gemeente met de post gekregen.
de postzegelA1
stamp
Je hebt een postzegel nodig voor deze brief.
de praktijkB1
practice
In de praktijk werkt het anders dan op papier.
(doctor's) practice
De praktijk van onze huisarts is op maandag dicht.
de preiA1
leek
Doe wat prei in de soep.
de premierB1
prime minister
De premier geeft vanavond een persconferentie.
de presentatieB1
presentation
Ik moet een presentatie geven.
de presidentB1
president
De president van Frankrijk bezoekt volgende week Nederland.
de prestatieB1
performance, achievement
De school is trots op de prestaties van de leerlingen.
de prijsA1
price
De prijs staat op het etiket.
prize, award
Zij heeft de eerste prijs gewonnen met haar verhaal.
de prijsafspraakB1
price agreement
We hebben vooraf een prijsafspraak gemaakt.
het prijskaartjeA2
price tag
Er zit geen prijskaartje op.
de prijslijstA2
price list
De prijslijst hangt bij de ingang.
de prijsvergelijkingA2
price comparison
Doe eerst een prijsvergelijking online.
de prijsverhogingA2
price increase
Er komt een prijsverhoging van vijf procent.
het prijsverschilA2
price difference
Het prijsverschil tussen beide winkels is groot.

