Je EigenRoute
Sign inRegister

Vocabulary

1768 words · page 40 of 71

  • de opnameA2

    recording

    De opname van het gesprek duurt tien minuten.


    withdrawal

    Voor elke opname bij een andere bank betaal je kosten.

  • de optieB1

    option

    Je hebt twee opties: met de bus of met de trein.

  • optredenA2separableirregular

    trad op · traden op · hebben opgetreden

    to perform (on stage)

    De band treedt zaterdag op.


    het optreden

    performance

    Het optreden van de band duurde twee uur.

  • de opzegtermijnB1

    notice period

    De opzegtermijn is één maand.

  • de ordeB1

    order (tidiness)

    Is alles in orde met je nieuwe huis?

  • de organisatieB1

    organisation

    Zij werkt voor een organisatie die vluchtelingen helpt.

  • de oudersA1

    parents

    Mijn ouders wonen nog in Polen.

  • de ovenA2

    oven

    Zet de oven op 180 graden.

  • de ovenschaalA2

    oven dish

    Doe alles in een ovenschaal.

  • de overheidA1

    government, authorities

    De overheid heeft nieuwe regels aangekondigd.

  • de overheidsdienstB1

    government service

    Deze overheidsdienst behandelt uw aanvraag.

  • het overheidsformulierB1

    government form

    Overheidsformulieren zijn vaak lastig te lezen.

  • het overhemdA2

    dress shirt

    Voor het feest trek ik een wit overhemd aan.

  • het overlegB1

    consultation, meeting

    Na overleg met het team besloten we te wachten.

  • de overstromingB1

    flood

    De overstroming veroorzaakte veel schade.

  • de overurenA2

    overtime hours

    Deze week heb ik veel overuren gemaakt.

  • het overwerkB1

    overtime

    Overwerk wordt bij ons niet betaald.

  • de overwinningB1

    victory

    De spelers vierden de overwinning met de fans.

  • het overzichtA2

    overview

    Hier is een overzicht van de kosten.

  • het paarA1

    a few, pair

    Ik blijf nog een paar dagen.

  • het paardA2

    horse

    Het paard graast in de wei.

  • het padA2

    path

    Volg het smalle pad door het bos.

  • de paginaA2

    page (also web page)

    Open je boek op pagina vijftig.

  • het pakA2

    suit; pack, carton

    Hij draagt een donker pak naar de bruiloft.

  • het pakjeA1

    parcel, packet

    Er ligt een pakje voor je bij de buren.