Vocabulary
1768 words · page 23 of 71
het hartA1
heart
Mijn hart klopt snel.
de hartslagA1
heartbeat
Mijn hartslag gaat snel na het sporten.
de havenA2
port, harbour
De boot ligt in de haven van Den Helder.
de heerB1
gentleman; Mr (formal)
Geachte heer, hierbij reageer ik op uw advertentie.
het hekA1
fence, gate
Doe het hek achter je dicht.
de heldB1
hero
De brandweerman is een echte held voor de kinderen.
de helftA1
half (the half)
De helft van de klas was ziek.
de herfstA1
autumn
In de herfst waait het vaak hard.
de herhalingA2
revision, repetition
Volgende week is er een herhaling van de grammatica.
de herinneringB1
reminder
Ik kreeg een herinnering voor een onbetaalde rekening.
de herkansingB1
resit
Je hebt recht op één herkansing.
de hersenenA1
brain
Slaap is belangrijk voor je hersenen.
het herstelA2
recovery
Beterschap en een goed herstel!
de herstelperiodeB1
recovery period
De herstelperiode duurt zes weken.
het herstelplanB1
recovery plan
De arts stelde samen met mij een herstelplan op.
de hersteltijdB1
recovery time
De hersteltijd na deze ingreep is kort.
de heupA1
hip
Mijn oma heeft een nieuwe heup.
de hitteB1
heat
De hitte was ondraaglijk deze zomer.
de hittegolfB1
heatwave
Tijdens de hittegolf werd het veertig graden.
de hobbyB1
hobby
Fotograferen is mijn grootste hobby.
de hobbyruimteB1
hobby room
Hij heeft een hobbyruimte in de schuur.
de hoedA2
hat
In de zon draagt mijn opa altijd een hoed.
de hoekA1
corner
De bakker zit om de hoek.
de hoestdrankA2
cough syrup
Neem 's avonds wat hoestdrank.
de hoeveelheidA2
quantity
Gebruik een kleine hoeveelheid zout.

