Vocabulary
4887 words · page 194 of 196
het zilverB1
silver
Deze ring is van echt zilver.
de zinA2
sentence
Schrijf een zin met het woord 'huis'.
desire, feeling like (zin hebben)
Ik heb geen zin om vandaag te koken.
de zinsbouwB2
sentence structure
Zijn zinsbouw verraadt zijn moedertaal.
de zittingB1
session, hearing; seat
De rechter opende de zitting om tien uur.
de zoekopdrachtB2
search query
Verfijn je zoekopdracht met een extra woord.
de zoektochtB1
search, quest
Na een lange zoektocht vond ze eindelijk een huis.
de zolderA1
attic
De oude spullen liggen op zolder.
de zomerA1
summer
In de zomer gaan we naar het strand.
de zonA2
sun
De zon schijnt eindelijk.
de zondagA1
Sunday
Zondag zijn veel winkels dicht.
de zondeB1
sin; a pity, a shame
Het is zonde om zoveel eten weg te gooien.
de zoneB1
zone
In deze zone mag je maar dertig kilometer per uur rijden.
het zonlichtB1
sunlight
De kamer krijgt veel zonlicht.
de zonne-energieB2
solar energy
Wij wekken zelf zonne-energie op.
het zonnepaneelB2
solar panel
Steeds meer huizen hebben zonnepanelen.
het zonneparkB2
solar farm
Het zonnepark ligt naast de snelweg.
de zonsondergangB1
sunset
We keken naar de zonsondergang op het strand.
de zonsopgangB1
sunrise
In de zomer is de zonsopgang heel vroeg.
de zonurenB2
hours of sunshine
Deze maand telde weinig zonuren.
de zonweringB2
sun shading
Met zonwering blijft het binnen koel.
het zoogdierB2
mammal
De vleermuis is het enige vliegende zoogdier.
de zoomB2
hem
De zoom van de broek is te lang.
de zoonA1
son
Hun zoon gaat naar school.
de zorgA2
care (healthcare)
De zorg in Nederland is goed geregeld.
worry
Maak je geen zorgen, het komt wel goed.
de zorgethiekB2
care ethics
Zorgethiek gaat over wat goede zorg is.

