Je EigenRoute
Sign inRegister

Vocabulary

4334 words · page 164 of 174

  • de weerstandB1

    resistance

    Het plan riep veel weerstand op.

  • de weersverwachtingB1

    weather forecast

    Volgens de weersverwachting gaat het regenen.

  • de wegA1

    road, way

    Deze weg gaat naar het centrum.

  • wegenA2irregular

    woog · wogen · hebben gewogen

    to weigh

    De verpleegkundige weegt de baby elke maand.

  • het wegennetB1

    road network

    Nederland heeft een dicht wegennet.

  • wegensB1

    owing to (formal)

    De winkel is wegens ziekte vandaag gesloten.

  • weggaanA2separableirregular

    ging weg · gingen weg · zijn weggegaan

    to leave

    Wanneer ga je weg?

  • weggooienA2separable

    gooide weg · hebben weggegooid

    to throw away

    Gooi het oude papier weg.

  • weghalenB1separable

    haalde weg · hebben weggehaald

    to remove, to take away

    Wil je je fiets weghalen bij de voordeur?

  • wegleggenB1separable

    legde weg · hebben weggelegd

    to put away, to put aside

    Leg je telefoon even weg tijdens het eten.

  • wegnemenB1separableirregular

    nam weg · namen weg · hebben weggenomen

    to take away, to remove

    Het gesprek met de arts nam mijn zorgen weg.

  • wegvallenB1separableirregular

    viel weg · vielen weg · zijn weggevallen

    to drop out, to fall away

    Tijdens het gesprek viel de verbinding steeds weg.

  • het wegverkeerB1

    road traffic

    Het wegverkeer neemt elk jaar toe.

  • de wegwerkzaamhedenB1

    roadworks

    Er zijn wegwerkzaamheden op de A2.

  • de wegwijzerB1

    signpost

    Volg de wegwijzers naar het centrum.

  • weigerenB1

    weigerde · hebben geweigerd

    to refuse

    Hij weigerde het voorstel.

  • weinigA1

    little, few

    Ik heb weinig tijd.

  • wekelijksA1

    weekly

    De les is wekelijks op dinsdag.

  • welA1

    indeed, though (emphasis)

    Ik heb geen auto, maar wel een fiets.

  • weleensA2

    ever; sometimes

    Ben jij weleens in Maastricht geweest?

  • weliswaarB1

    admittedly

    Het is weliswaar duur, maar het werkt.

  • welkeA1

    which

    Welke bus moet ik nemen?

  • welkomA1

    welcome

    Welkom bij ons thuis!

  • wellichtB1

    perhaps

    Wellicht kunnen we een andere datum kiezen.

  • de welvaartB1

    prosperity

    Nederland kent een hoge welvaart.