Vocabulary
3699 words · page 142 of 148
werkzaamB1
employed, working (formal)
Zij is werkzaam als verpleegkundige in het ziekenhuis.
de werkzaamheidB1
activity, work (usually plural)
Wegens werkzaamheden rijden er vandaag geen treinen.
westelijkB1
western (geographical)
In het westelijke deel van het land wonen de meeste mensen.
het westenA2
west
De zon gaat onder in het westen.
westersB1
Western
In westerse landen eten mensen veel vlees.
de wetA1
law
Dat is bij wet verboden.
wetenA1irregular
wist · wisten · hebben geweten
to know (a fact)
Ik weet het niet.
de wetenschapA2
science
De wetenschap is het hier niet over eens.
wetenschappelijkA2
scientific
Er is wetenschappelijk bewijs voor deze aanpak.
wettelijkB1
legal, statutory
Er is een wettelijk minimumloon in Nederland.
wieA1
who
Wie is dat?
het wielA2
wheel
Er zit een slag in het wiel van mijn fiets.
de wijkA2
district, neighbourhood
Wij wonen in een rustige wijk aan de rand van de stad.
de wijkagentB1
community police officer
De wijkagent kent iedereen in de buurt.
de wijkbewonerB1
neighbourhood resident
De wijkbewoners kwamen bijeen in het buurthuis.
het wijkcentrumB1
community centre
In het wijkcentrum zijn gratis activiteiten.
de wijnA2
wine
Bij het eten drinken ze een glas rode wijn.
wijsB1
wise
Mijn grootvader was een wijze en rustige man.
de wijzeB1
manner, way (formal)
Op deze wijze leer je de woorden sneller.
wijzenB1irregular
wees · wezen · hebben gewezen
to point
Zij wees naar het huis aan de overkant.
wijzigenB1
wijzigde · hebben gewijzigd
to change, to amend (formal)
U kunt uw adres online wijzigen.
de wijzigingB1
change, amendment
Geef een wijziging van uw adres door aan de gemeente.
wildB1
wild
In dit park leven wilde paarden.
willekeurigB1
random, arbitrary
Kies een willekeurig getal tussen één en tien.
willenA1irregular
wilde · wilden · hebben gewild
to want
Ik wil graag koffie.

