Vocabulary
5480 words · page 13 of 220
automatische afschrijvingB2
direct debit
De huur gaat via automatische afschrijving.
automatiserenB2
automatiseerde · hebben geautomatiseerd
to automate
Veel administratief werk is geautomatiseerd.
de automatiseringB2
automation
Automatisering verandert veel beroepen.
de autoverhuurB1
car rental
Bij de autoverhuur heb je je rijbewijs nodig.
de autoverzekeringB1
car insurance
Een autoverzekering is wettelijk verplicht.
de avondA1
evening
's Avonds kijk ik televisie.
het avondetenA2
dinner
Het avondeten is om zes uur.
de azijnA1
vinegar
Doe wat azijn in de salade.
de baanA2
job
Zij heeft een nieuwe baan gevonden.
lane; track
Op de snelweg is de rechter baan afgesloten.
de baardA2
beard
Mijn broer heeft sinds de zomer een baard.
de baasA2
boss
Mijn baas is vandaag afwezig.
het baasjeB2
pet owner
Het baasje moet de hond opruimen.
de babbeltrucB2
distraction scam
Ouderen zijn vaak slachtoffer van een babbeltruc.
de babyA1
baby
De baby slaapt nu.
de babyborrelB2
baby celebration party
Op de babyborrel waren veertig mensen.
de bachelorB2
bachelor's degree
Na je bachelor kun je doorstuderen.
de bacterieB2
bacterium
Niet elke bacterie is schadelijk.
de badkamerA1
bathroom
De badkamer is boven.
de badkuipA2
bathtub
In deze badkamer staat geen badkuip.
de bagageA2
luggage
Laat je bagage niet alleen achter.
bakkenA2irregular
bakte · bakten · hebben gebakken
to fry, to bake
Ik bak een ei voor het ontbijt.
de bakkerA2
baker, bakery
Ik haal brood bij de bakker.
de balA1
ball
De kinderen spelen met een bal in de tuin.
de balieA2
desk, counter (reception)
U kunt uw pakket ophalen bij de balie.
de baliemedewerkerB2
front desk employee
De baliemedewerker hielp mij snel.

