Vocabulary
3699 words · page 128 of 148
vernieuwenB1
vernieuwde · hebben vernieuwd
to renew, to renovate
De gemeente vernieuwt dit jaar alle speeltuinen.
veroordelenB1
veroordeelde · hebben veroordeeld
to sentence; to condemn
De rechter veroordeelde de dief tot drie maanden cel.
veroorzakenB1
veroorzaakte · hebben veroorzaakt
to cause
Roken kan op den duur veel ziektes veroorzaken.
de verpakkingA2
packaging
De verpakking is van karton.
verplaatsenA2
verplaatste · hebben verplaatst
to move, to reschedule
Kunnen we de afspraak verplaatsen?
het verpleeghuisB1
nursing home
Zijn moeder woont sinds vorig jaar in een verpleeghuis.
de verpleegkundigeA2
nurse
De verpleegkundige komt zo bij u.
de verpleegsterA2
nurse (female)
De verpleegster brengt elke ochtend mijn medicijnen.
verplegenB1
verpleegde · hebben verpleegd
to nurse
Zij verpleegt haar zieke moeder thuis.
de verplegerA2
nurse (male)
De verpleger helpt de patiënt uit bed.
de verplegingB1
nursing care
De verpleging op deze afdeling is goed.
verplichtB1
obligatory
Deelname is niet verplicht.
verplichtenB1
verplichtte · hebben verplicht
to oblige, to require
De wet verplicht werkgevers om veilig werk te bieden.
de verplichtingB1
obligation
Deelname brengt ook verplichtingen met zich mee.
verrassenB1
verraste · hebben verrast
to surprise
We willen mama verrassen met een taart.
de verrassingA2
surprise
Het feest voor haar verjaardag was een grote verrassing.
verrichtenB1
verrichtte · hebben verricht
to perform (formal)
De monteur verricht de reparatie volgende week.
versA2
fresh
Dit brood is niet meer vers.
het vers
verse, stanza
Het gedicht bestaat uit vier verzen van elk vier regels.
verschijnenB1irregular
verscheen · verschenen · zijn verschenen
to appear; to be published
Het nieuwe boek verschijnt volgende maand in de winkels.
het verschilA2
difference
Wat is het verschil tussen deze twee?
verschillendA1
different, various
We hebben verschillende opties bekeken.
verschrikkelijkA2
terrible, awful
Het weer was op vakantie echt verschrikkelijk.
de versieB1
version
Download de nieuwste versie van de app.
versierenA2
versierde · hebben versierd
to decorate
De kinderen versieren de klas voor het feest.
verslaanB1irregular
versloeg · versloegen · hebben verslagen
to defeat, to beat
Ons team versloeg de kampioen met drie doelpunten.

