Je EigenRoute
Sign inRegister

Vocabulary

4598 words · page 123 of 184

  • de rechtsgangB2

    legal proceedings

    De rechtsgang duurde bijna drie jaar.

  • de rechtsgelijkheidB2

    equality before the law

    Rechtsgelijkheid is een grondbeginsel van de rechtsstaat.

  • de rechtsordeB2

    legal order

    De rechtsorde moet worden gehandhaafd.

  • de rechtspraakB2

    judiciary, administration of justice

    De rechtspraak in Nederland is onafhankelijk.

  • de rechtsstaatA2

    constitutional state, rule of law

    In een rechtsstaat staat niemand boven de wet.

  • het rechtsstelselB2

    legal system

    Het Nederlandse rechtsstelsel kent meerdere instanties.

  • de rechtszaakB2

    court case

    De rechtszaak trok veel aandacht.

  • de rechtszekerheidB2

    legal certainty

    Burgers moeten kunnen rekenen op rechtszekerheid.

  • de rechtvaardigheidB2

    justice, fairness

    Het gaat hier om rechtvaardigheid, niet om geld.

  • de reclameB1

    advertising

    Er zit te veel reclame tussen de programma's.

  • de reclamecampagneB2

    advertising campaign

    De reclamecampagne loopt drie maanden.

  • de reclamespotB2

    commercial (spot)

    De reclamespot duurt dertig seconden.

  • de reclasseringB2

    probation service

    De reclassering begeleidt hem na zijn straf.

  • het recordB2

    record (best result)

    Zij zwom een nieuw Nederlands record.

  • de recreatieB2

    recreation

    Het gebied wordt gebruikt voor recreatie.

  • het recreatiegebiedB2

    recreation area

    Achter het dorp ligt een recreatiegebied.

  • de recyclingB2

    recycling

    Recycling van textiel staat nog in de kinderschoenen.

  • de redacteurB2

    editor

    De redacteur controleert elk artikel voor het verschijnt.

  • de redactieB2

    editorial team

    De redactie besloot het artikel niet te plaatsen.

  • de reddingB1

    rescue

    De redding van de zwemmers duurde twee uur.

  • de redeB1

    speech; reason

    De koning houdt elk jaar een rede op Prinsjesdag.

  • de redenA2

    reason

    Wat is de reden van je verhuizing?

  • de redeneringB1

    line of reasoning

    In die redenering zit een fout.

  • de reeksB2

    series, sequence

    Er volgde een reeks problemen met de nieuwe computer.

  • het referendumB2

    referendum

    Er komt een referendum over dit onderwerp.