Je EigenRoute
Sign inRegister

Vocabulary

4887 words · page 114 of 196

  • de oplageB2

    circulation, print run

    De oplage van de krant daalt al jaren.

  • de opleidingA2

    education, training

    Welke opleiding heb je gedaan?

  • het opleidingsinstituutB2

    training institute

    Het opleidingsinstituut is erkend door de overheid.

  • het opleidingsniveauB2

    level of education

    Het opleidingsniveau van de bevolking is gestegen.

  • de opleveringsinspectieB2

    handover inspection

    Bij de opleveringsinspectie noteer je alle gebreken.

  • de oplichtingB2

    swindle, fraud

    Hij deed aangifte van oplichting.

  • de oplossingA2

    solution

    Er is vast een oplossing.

  • de opluchtingB2

    relief

    Tot mijn opluchting was alles in orde.

  • de opmerkingB1

    remark, comment

    Heeft iemand nog een opmerking?

  • de opnameA2

    recording

    De opname van het gesprek duurt tien minuten.


    withdrawal

    Voor elke opname bij een andere bank betaal je kosten.

  • het oppervlakB2

    surface

    Het oppervlak van het meer was helemaal stil.

  • de oppervlakteB1

    surface area

    Het appartement heeft een oppervlakte van zeventig vierkante meter.

  • de oppositieB2

    opposition

    De oppositie stemde tegen.

  • de oprichterB1

    founder

    De oprichter van het bedrijf was een boer.

  • de oprichtingB2

    founding, establishment

    De vereniging viert vijftig jaar sinds de oprichting.

  • de oproepB1

    call, appeal

    De politie doet een oproep aan getuigen om zich te melden.

  • de oproepkrachtB2

    on-call worker

    Als oproepkracht weet je nooit hoeveel je werkt.

  • de opslagB2

    storage; pay rise

    Het bedrijf huurt een ruimte voor de opslag van spullen.

  • de opsporingB2

    criminal investigation

    De opsporing van de daders duurde maanden.

  • de opstandB1

    uprising, revolt

    In 1568 begon de opstand tegen de Spaanse koning.

  • de opstellingB2

    line-up; arrangement; position

    De trainer koos voor een nieuwe opstelling.

  • de optieB2

    option

    Je hebt twee opties: met de bus of met de trein.

  • optredenA2separableirregular

    trad op · traden op · hebben opgetreden

    to perform (on stage)

    De band treedt zaterdag op.


    het optreden

    performance

    Het optreden van de band duurde twee uur.

  • de opvangB1

    care, shelter, reception

    Na school gaan de kinderen naar de opvang.

  • de opvattingB1

    view, opinion, notion

    Over opvoeding hebben we verschillende opvattingen.