Vocabulary
3 words · page 1 of 1
wetenA1irregular
wist · wisten · hebben geweten
to know (a fact)
Ik weet het niet.
willenA1irregular
wilde · wilden · hebben gewild
to want
Ik wil graag koffie.
wordenA1irregular
werd · werden · zijn geworden
to become
Hij wil dokter worden.
(passive auxiliary: is/are being)
De brief wordt morgen verstuurd.

