Je EigenRoute
Sign inRegister

Vocabulary

132 words · page 5 of 6

  • de prijslijstA2

    price list

    De prijslijst hangt bij de ingang.

  • de prijsvergelijkingA2

    price comparison

    Doe eerst een prijsvergelijking online.

  • de prijsverhogingA2

    price increase

    Er komt een prijsverhoging van vijf procent.

  • het prijsverschilA2

    price difference

    Het prijsverschil tussen beide winkels is groot.

  • de prikA2

    jab, injection

    De prik deed nauwelijks pijn.

  • primaA2

    fine, excellent

    Dat is prima, we spreken morgen om tien uur af.

  • de PrinsjesdagA2

    Prinsjesdag (state opening)

    Op Prinsjesdag presenteert het kabinet de begroting.

  • printenA2

    printte · hebben geprint

    to print

    Kun je dit formulier even printen?

  • de prioriteitB1

    priority

    Dit project heeft de hoogste prioriteit.

  • privéB1

    private, personal

    Dit is mijn privé nummer, bel me alleen bij nood.

  • proberenA1

    probeerde · hebben geprobeerd

    to try

    Wil je dit even proberen?

  • het probleemA1

    problem

    We hebben een klein probleem.

  • de procedureB1

    procedure

    De procedure duurt ongeveer zes weken.

  • procentA2

    percent

    Je krijgt tien procent korting op alle jassen.

  • producerenB1

    produceerde · hebben geproduceerd

    to produce

    Deze fabriek produceert kaas voor heel Europa.

  • het productA2

    product

    Dit product is uitverkocht.

  • de productieA2

    production

    De productie is naar het buitenland verplaatst.

  • de productinformatieA2

    product information

    De productinformatie staat op de doos.

  • de proeftijdA2

    probation period

    De proeftijd duurt één maand.

  • proevenA2

    proefde · hebben geproefd

    to taste

    Wil je even proeven of het goed is?

  • professioneelB1

    professional

    Zij maakt professionele foto's voor bedrijven.

  • de professorB1

    professor (informal usage)

    De professor geeft college aan honderd studenten.

  • het programmaA2

    programme, program

    Op tv is vanavond een leuk programma over dieren.

  • het projectB1

    project

    Ons team werkt deze maand aan een nieuw project.

  • de promotieB1

    promotion

    Zij heeft promotie gekregen.