Vocabulary
232 words · page 4 of 10
desondanksB2
despite that
Hij was ziek en kwam desondanks werken.
de detacheringB2
secondment
Via detachering werkt hij bij een ander bedrijf.
het detailB1
detail
Hij vertelde het verhaal tot in elk detail.
de detailhandelB2
retail trade
De detailhandel merkt de dalende koopkracht.
de detectiveromanB2
detective novel
In een detectiveroman weet je pas op het eind wie het deed.
de deurA1
door
Doe je de deur even dicht?
de deurmatA2
doormat
Veeg je voeten op de deurmat.
dezelfdeA2
the same
Wij hebben dezelfde leraar als vorig jaar.
de diagnoseB2
diagnosis
De diagnose werd pas na maanden gesteld.
het dialectB2
dialect
In Limburg wordt nog veel dialect gesproken.
het dialectgebiedB2
dialect area
Nederland kent veel dialectgebieden.
de dialoogB1
dialogue
Oefen de dialoog met een medecursist.
dichtA1
closed
Op zondag zijn de winkels dicht.
dichtbijA1
nearby
De school is heel dichtbij.
de dichterB2
poet
De dichter las eigen werk voor.
de didactiekB2
teaching methodology
De didactiek van dit vak is sterk veranderd.
het dieetA2
diet
Hij volgt een streng dieet.
dienenB2
diende · hebben gediend
to serve; must (formal)
Formulieren dienen voor vrijdag ingeleverd te worden.
de dienstB1
service; shift
Zij heeft vandaag dienst in het ziekenhuis.
de dienstensectorB2
service sector
De dienstensector is de grootste van de economie.
de dienstregelingA2
timetable
De dienstregeling verandert in december.
het dienstverbandA2
employment (contract type)
Zij heeft een vast dienstverband.
de dienstverleningB1
service provision
Onze dienstverlening moet klantvriendelijker.
diepA2
deep
Het water is hier te diep om te staan.
het dieptepuntB2
low point, trough
Het dieptepunt werd in maart bereikt.

