المفردات
1768 كلمة · صفحة 5 من 71
de bandA2
إطار
Mijn band is lek.
de bankA2
بنك
Ik heb een rekening bij deze bank.
أريكة؛ مقعد
We zitten 's avonds samen op de bank te lezen.
het bankafschriftB1
كشف حساب بنكي
Op het bankafschrift zie je alle betalingen.
de bankkostenB1
رسوم البنك
De bankkosten zijn dit jaar verhoogd.
de bankrekeningA2
حساب بنكي
Je hebt een bankrekening nodig voor je salaris.
de barB1
حانة، منضدة
We drinken na het werk iets aan de bar.
de basisB1
أساس
Een goede basis in taal helpt bij elke opleiding.
de basisschoolA2
مدرسة ابتدائية
Mijn dochter zit in groep vijf van de basisschool.
het basketbalA2
كرة السلة
Op dinsdag speel ik basketbal met mijn vrienden.
de batterijA1
بطارية
De batterij is leeg.
het bedA1
سرير
Ik ga vroeg naar bed.
de bedoelingB1
نيّة
Het was niet mijn bedoeling om je pijn te doen.
het bedragA2
مبلغ
Het bedrag staat onderaan de rekening.
het bedrijfA1
شركة
Zij werkt bij een groot bedrijf.
de bedrijfscultuurB1
ثقافة الشركة
De bedrijfscultuur hier is informeel.
de bedrijfskledingA2
زي الشركة
De bedrijfskleding krijg je van je werkgever.
de bedrijfsregelsA2
قواعد الشركة
Lees de bedrijfsregels op je eerste werkdag.
het bedrijfsuitjeA2
رحلة الشركة
Volgende maand is het bedrijfsuitje.
het beeldB1
صورة؛ تمثال
Het beeld op de televisie is niet scherp.
het beenA1
ساق
Hij heeft zijn been gebroken.
het beetjeA1
قليلًا
Ik spreek al een beetje Nederlands en Engels.
de begeleidingB1
إرشاد ومرافقة
Hij krijgt begeleiding van een psycholoog.
het beginA1
بداية (البدء)
Aan het begin van de les zeggen we iets over het weekend.
het begripB1
تفهّم؛ مفهوم
Bedankt voor uw begrip, we helpen u zo snel mogelijk.
de begroeiingB1
غطاء نباتي
Langs de sloot staat dichte begroeiing.

